President Jennifer Simons zegt dat de voortgang van het GranMorgu-project laat zien dat Suriname belangrijke stappen zet in de ontwikkeling van zijn offshore olie-industrie. Het staatshoofd bezocht zaterdag 19 september 2026 de activiteiten van TotalEnergies bij de Kuldipsingh Port Facilities, waar zij een rondleiding kreeg langs apparatuur en werkzaamheden die verband houden met het project.
Eerder op de dag had Simons op het Kabinet van de President een delegatie van TotalEnergies ontvangen. Tijdens haar bezoek aan de havenfaciliteiten kreeg zij volgens de regering een beter beeld van de schaal en voortgang van het miljardenproject.
“Het is heel goed om nu zelf te zien dat het project vordert. Je hoort het al jaren, maar nu heb ik het zelf kunnen zien. De apparatuur is aangekomen en staat er. Je krijgt daardoor de indruk dat het project nu echt van de grond is. No turning back”, zei Simons.
De president benadrukte dat de ontwikkeling van de olie-industrie niet automatisch betekent dat iedere Surinamer financieel zal profiteren. Volgens haar moet het land tegelijk investeren in infrastructuur, onderwijs en vakopleidingen, zodat vooral jongeren kunnen inspelen op de toenemende vraag naar technisch en praktisch geschoold personeel.
“Als je niet studeert of een vak leert, dan ga je niet automatisch geld hebben, omdat er olie is. Je moet iets kunnen”, aldus Simons.
Minister Patrick Brunings van Olie, Gas en Milieu omschreef de activiteiten rond GranMorgu als “heel indrukwekkend”. Hij sprak daarbij vertrouwen uit dat de geplande start van de olieproductie in 2028 kan worden gehaald.
Ook algemeen directeur Annand Jagesar van Staatsolie wees op de bredere economische betekenis van het project. Volgens hem moet GranMorgu niet uitsluitend worden gezien als een olieproject, maar ook als een mogelijkheid om Surinaamse bedrijven en gemeenschappen sterker bij de ontwikkeling van de sector te betrekken.
“GranMorgu is meer dan olieproductie. Het gaat ook om het creëren van kansen voor Surinaamse bedrijven en gemeenschappen”, zei Jagesar. Investeringen in lokale kennis, trainingen en ondernemerschap moeten volgens hem bijdragen aan duurzame economische ontwikkeling.
TotalEnergies-topman Patrick Pouyanné liet weten dat het project volgens planning verloopt en inmiddels voor ongeveer 50 procent is gerealiseerd. Van de totale investering van ongeveer USD 12 miljard zou inmiddels circa USD 6 miljard zijn besteed.
“Onze inzet om competenties te ontwikkelen en bij te dragen aan de welvaart van het land, wacht niet tot 2028. Het is nu al werkelijkheid”, zei Pouyanné.
TotalEnergies blijft volgens de topman daarnaast investeren in verdere exploratie voor de kust van Suriname. Nieuwe olievondsten zouden in de toekomst kunnen bijdragen aan uitbreiding van de activiteiten en een langere productieduur van het GranMorgu-project.








