De gezondheidsministers van de CARICOM-landen hebben een regionaal actieplan voor gezondheid en klimaatverandering goedgekeurd. Het plan voor 2026 tot en met 2031 moet zorginstellingen beter voorbereiden op onder meer orkanen, overstromingen, extreme hitte en de verspreiding van ziekten zoals dengue.
De ministers stemden in met het plan tijdens de 53ste bijeenkomst van de CARICOM-raad voor menselijke en sociale ontwikkeling op het gebied van gezondheid, op 25 september in Washington. Het actieplan is opgesteld met steun van de Pan-Amerikaanse Gezondheidsorganisatie en de Wereldgezondheidsorganisatie (PAHO/WHO).
Volgens PAHO zetten klimaatverandering en andere milieugevaren de gezondheidszorg in het Caribisch gebied steeds verder onder druk. Orkanen hebben ziekenhuizen en gezondheidscentra beschadigd en daarmee de toegang tot zorg verstoord. Veranderende weersomstandigheden kunnen ook invloed hebben op de verspreiding van dengue.
Het actieplan richt zich op vier onderdelen: gezondheid een vaste plaats geven in klimaatbeleid, zorginstellingen en personeel beter voorbereiden op risico’s, de uitstoot van de gezondheidssector verminderen en financiering vinden voor de uitvoering. Daarbij gaat het onder meer om sterkere systemen voor ziektebewaking en vroegtijdige waarschuwing, veiligere zorggebouwen en duurzamer energiegebruik.
PAHO-directeur Jarbas Barbosa noemt het plan een gezamenlijke toezegging om gemeenschappen beter te beschermen tegen klimaat- en milieurisico’s. De uitvoering komt onder leiding van de afzonderlijke landen te staan; PAHO/WHO biedt technische ondersteuning.
Het nieuwe plan bouwt voort op een eerdere regionale aanpak. Volgens PAHO zijn daarbij meer dan 2.500 zorgmedewerkers in vijftien landen getraind op het gebied van klimaatverandering en gezondheid. Ook zijn waarschuwingssystemen uitgebreid en zorginstellingen aangepast aan normen voor veiligere en duurzamere gebouwen.
CARICOM-landen worden aangemoedigd om hun nationale plannen op de regionale prioriteiten af te stemmen en ministeries van onder meer volksgezondheid, milieu, financiën en rampenbestrijding bij de uitvoering te betrekken.









