Advocaat Raoul Lobo heeft stevige kritiek geuit op het vervolgingsbeleid van procureur-generaal Garcia Paragsingh in de zaak rond de aanhouding van Richano Santokhi. Volgens de jurist had de kwestie van vermeende smaad en laster jegens president Chan Santokhi niet via het strafrecht moeten worden aangepakt, maar langs civielrechtelijke weg.
Richano Santokhi werd vorige week op de Johan Adolf Pengel International Airport aangehouden. Hij wordt ervan verdacht zich schuldig te hebben gemaakt aan smaad en laster richting president Chan Santokhi en de procureur-generaal. De rechter-commissaris heeft inmiddels beslist dat hij voorlopig dertig dagen in detentie blijft.
In een interview met D-TV Express stelde Lobo dat de zaak in de eerste plaats moet worden beoordeeld in het licht van de vrijheid van meningsuiting. Daarbij verwees hij naar internationale verdragen, waaronder artikel 13 van de American Convention on Human Rights en artikel 19 van het Internationaal Verdrag inzake Burgerrechten en Politieke Rechten.
Volgens de advocaat reikt de vrijheid van meningsuiting ver, zeker wanneer het gaat om publieke aangelegenheden. Tegelijkertijd erkent hij dat een afweging nodig is tussen dat recht en de bescherming van de reputatie en persoonlijke levenssfeer van betrokkenen.
Lobo vindt dat de kwestie tegen Richano Santokhi beter in een civiele procedure behandeld had kunnen worden. In zo’n zaak kan volgens hem worden onderzocht of de gedane uitspraken feitelijk juist zijn en of er daadwerkelijk sprake is van reputatieschade.
De advocaat plaatst daarnaast vraagtekens bij de strafrechtelijke aanpak, omdat de procureur-generaal zelf in de zaak wordt genoemd. Volgens hem vraagt dat juist om extra terughoudendheid bij de inzet van het vervolgingsmonopolie. Lobo waarschuwt dat anders de indruk kan ontstaan dat een belanghebbende partij invloed heeft op de beoordeling van de zaak.
In het interview ging Lobo nog verder door te stellen dat het vervolgingsbeleid van de procureur-generaal al langer onderwerp van discussie is. Volgens hem bestaat er zowel in de samenleving als binnen delen van de media kritiek op het optreden van het Openbaar Ministerie. Hij zei zich ook te kunnen vinden in eerdere uitlatingen van oud-minister van Justitie en Politie Jennifer van Dijk-Silos, die eveneens heeft gesteld dat de procureur-generaal vervangen zou moeten worden.
Lobo pleit voor een systeem waarbij beslissingen over vervolging niet bij één functionaris geconcentreerd zijn. Als mogelijke oplossing noemde hij de instelling van een college van procureurs-generaal. Over de aanhouding van Richano Santokhi zelf is de advocaat duidelijk: die noemt hij onterecht. Volgens hem kan strafrechtelijke vervolging in zaken als deze een rem zetten op het publieke debat, omdat burgers, journalisten en andere betrokkenen mogelijk terughoudender worden om kritiek te uiten op publieke functionarissen.
Lobo benadrukte wel dat het uiteindelijk aan de rechterlijke macht is om een definitief oordeel te vellen over de zaak. Over de vraag of Richano Santokhi binnen de periode van dertig dagen zal worden vrijgelaten, wilde hij zich niet uitlaten. Volgens de advocaat blijft echter overeind dat de strafrechtelijke route in deze kwestie naar zijn oordeel niet de juiste keuze was.










