Surinaamse studenten die in Cuba studeren, worden steeds harder geraakt door de aanhoudende stroomcrisis op het eiland. De situatie verslechterde opnieuw nadat Cuba op zaterdag 21 maart wederom met een landelijke black-out werd geconfronteerd. Volgens internationale media ging het om de derde grote stroomuitval in maart, nadat een storing in de thermische centrale van Nuevitas leidde tot een nieuwe instorting van het nationale elektriciteitsnet.
Ook op zondag 22 maart verliep het herstel van de stroomvoorziening moeizaam. De Cubaanse autoriteiten zetten zogenoemde micro-elektriciteitssystemen in om essentiële diensten zoals ziekenhuizen en watervoorziening deels draaiende te houden. In Havana hadden in de vroege uren van zondag slechts ongeveer 72.000 aansluitingen opnieuw stroom, terwijl grote delen van het land nog met uitval kampten.
Voor Surinaamse studenten op het eiland heeft dat ingrijpende gevolgen. Niet alleen vallen stroom en internet regelmatig weg, ook het onderwijs komt steeds verder onder druk te staan. Josuhua McInnis, een Surinaamse medisch student in zijn derde jaar in Cuba, zegt in een reactie aan Tra Fas De en Key News dat de omstandigheden merkbaar verslechteren. “We zitten nu zonder stroom. De situatie blijft zich maar verslechteren. We zijn nog steeds wachtende op een besluit van de Surinaamse overheid.” Andere landen zoals Zuid-Afrika hebben hun studenten al terug gehaald bevestigd McInnis.

Volgens Innis heeft het brandstoftekort ook directe gevolgen voor het lesprogramma. Docenten kunnen door de beperkte beschikbaarheid van brandstof niet optimaal naar de studenten toe om lessen te verzorgen. “Normaal moeten we zes dagen les krijgen, maar door het brandstoftekort kunnen we nu maar één keer per week lessen volgen,” zegt hij.
De problemen beperken zich niet tot het onderwijs. Innis geeft aan dat studenten in ELAM ook kampen met een tekort aan water. Zij moeten met vaten en emmers sjouwen om water te halen bij distributietanks. Die situatie sluit aan bij bredere berichten uit Cuba, waar ook in Havana de watervoorziening onder druk staat doordat stroomuitval de werking van pompsystemen verstoort.
Volgens de student mogen de Surinaamse studenten nog van geluk spreken wanneer er tijdelijk water beschikbaar is, maar ook dat blijft onzeker. De schoolleiding heeft hen gewaarschuwd dat de watertoevoer naar de studentenhuizen afhankelijk is van pompen in Havana en van de brandstoftoevoer om die operationeel te houden.
Daarnaast hebben studenten van de directie van het campusverblijf te horen gekregen dat zij niet langer zelf mogen koken om energie te besparen. Zij zijn aangewezen op de algemene cafetaria voor hun dagelijkse maaltijden. Volgens Innis is de voeding daar voor de Surinaamse studenten niet voldoende en ook niet voedzaam genoeg. Daardoor koken sommigen alsnog in het geheim op hun kamers. “Als we horen dat er inspectie komt, moeten we alles verbergen,” zegt hij.

Ook de communicatie met familie in Suriname verloopt moeizaam. Door het gebrek aan een stabiele internetverbinding is regelmatig contact moeilijk. Innis zegt dat er binnen de groep studenten verschillende opvattingen leven: sommigen willen ondanks alles in Cuba blijven, terwijl anderen de situatie beu zijn en graag willen vertrekken.
De bredere energiecrisis in Cuba lijkt voorlopig niet snel opgelost. President Miguel Díaz-Canel heeft volgens internationale berichtgeving aangegeven dat Cuba al drie maanden geen olie van buitenlandse leveranciers heeft ontvangen en momenteel slechts ongeveer 40 procent van zijn brandstofbehoefte zelf kan dekken. Daardoor blijft de kans op nieuwe stroomuitval groot.
Voor de Surinaamse studenten betekent dit dat niet alleen hun dagelijks leven, maar ook hun studievoortgang en basisveiligheid onder zware druk staan zolang de crisis op het eiland voortduurt. Vanuit de redactie is er contact gezocht met de minister van Buitenlandse Zaken, echter is er nog geen reactie ontvangen.
