Boothouders die personen over de Marowijnerivier tussen Suriname en Frans-Guyana vervoeren, willen dat er duidelijkheid komt over hun vergunningen. Volgens de boothouders werken zij mee aan keuringen, registratie en andere veiligheidsmaatregelen, maar blijven de aangevraagde vergunningen uit.
De kwestie kwam aan de orde tijdens een overleg met districtscommissaris Marvin Vijent. De boothouders waren uitgenodigd om te praten over hun standplaats aan de waterkant van Albina en hun ervaringen met de geldende regels en veiligheidsvoorschriften.
Volgens de boothouders hebben zij de afgelopen jaren meegewerkt aan verschillende initiatieven om de sector te ordenen en de vaartuigen te registreren. Hun boten worden periodiek gekeurd om de veiligheid op de rivier te waarborgen. Ondanks deze medewerking zouden de autoriteiten de benodigde vergunningen nog niet hebben verstrekt.
De boothouders zeggen bereid te zijn aan alle voorwaarden te voldoen. Zo willen zij trainingen volgen om gecertificeerd te worden, hun boten laten registreren en keuren en de voorgestelde veiligheidsmaatregelen naleven.
Tijdens het overleg is afgesproken dat de boothouders zich opnieuw zullen organiseren en een bestuur zullen benoemen. Daarna moet samen met het ministerie van Transport, Communicatie en Toerisme en de Maritieme Autoriteit Suriname verder worden gewerkt aan de ordening en belangen van de sector.
Ook is gesproken over het invoeren van uniformen en badges, zodat geregistreerde boothouders voor passagiers herkenbaar zijn. Daarnaast worden trainingen overwogen om de dienstverlening en de benadering van reizigers te verbeteren.








