Het dodental na de scheepsramp met de MV Barima voor de kust van Guyana is vandaag gestegen naar 41. Volgens de jongste officiële cijfers zijn inmiddels 77 overlevenden geregistreerd.
De Guyanese autoriteiten gaan ervan uit dat zich 179 personen, onder wie 18 bemanningsleden, aan boord bevonden toen het vaartuig zaterdagavond zonk. Op basis van deze cijfers zijn nog 61 mensen niet teruggevonden.
Dinsdag werden tussen 10.15 uur en 13.00 uur veertien lichamen geborgen. Franse en Guyanese duikers zetten de onderwaterzoektocht bij het wrak voort. In het gebied zijn zestien vaartuigen ingezet. De zoekzone is bovendien met ongeveer 400 vierkante mijl uitgebreid tot aan Waini Point.
Het aantal geregistreerde overlevenden steeg van 67 naar 77. Minister van Openbare Werken Juan Edghill legde uit dat de tien extra personen niet dinsdag zijn gered. Zij waren na hun redding rechtstreeks naar huis gegaan en konden pas later, na contact met hun familieleden, officieel als overlevenden worden bevestigd. Een deel van de passagiers werd door lokale vissers uit zee gehaald.
De MV Barima zonk zaterdag rond 23.00 uur, ongeveer zestien kilometer uit de kust van Essequibo. Het schip was onderweg van Georgetown naar Port Kaituma. Hoewel de oorspronkelijke passagierslijst 133 namen bevatte, hebben de autoriteiten vastgesteld dat waarschijnlijk 179 mensen aan boord waren.
De kapitein en een ander bemanningslid zijn aangehouden nadat zij positief testten op cannabis. Medewerkers die betrokken waren bij het beheer en de belading van het vaartuig zijn voorlopig geschorst. Er loopt zowel een strafrechtelijk als technisch onderzoek, maar de precieze oorzaak van de ramp is nog niet vastgesteld.
President Irfaan Ali heeft van woensdag 22 tot en met vrijdag 24 juli drie dagen van nationale rouw afgekondigd. De nationale vlag zal halfstok hangen en woensdag is uitgeroepen tot Nationale Dag van Gebed.










