Het Nationaal Coördinatiecentrum voor Rampenbeheersing (NCCR) houdt de situatie in het zuiden van Suriname, waar een aantal dorpen onder water zijn gelopen, nauw in de gaten. “Mensen hoeven niet geëvacueerd te worden. We hopen niet dat het zover komt”, zegt coördinator Jerry Slijngard.
Volgens de coördinator is de situatie nog niet zo erg. Volgens hem was er vorige week sprake van stijgend water, maar na een poos trok dat water weer terug. “Afhankelijk van de hoeveelheid regen krijg je de stijging en daling van de waterstand, maar als dit structureel begint te worden, gaat NCCR inkomen.” Hij deelde mee dat de NCCR en de districtscommissarissen de situatie nauw in de gaten houden.
De Vereniging van Inheemse Dorpshoofden in Suriname (VIDS) heeft afgelopen week met spoed aandacht gevraagd voor de ernstige wateroverlast in het dorp Përë Itëpu (Tepu), met circa 650 inwoners, en de omliggende dorpen in Zuid-Suriname.
Volgens berichten van hoofdkapitein Moshesi Shanaapoe zijn meerdere woningen getroffen en staan de kostgronden onder water. Dit heeft directe gevolgen voor de voedselvoorziening van gezinnen. Daarnaast is het drinkwatersysteem beschadigd, waardoor delen van het dorp momenteel verstoken zijn van schoon drinkwater.
De situatie wordt verder bemoeilijkt doordat Tepu uitsluitend per vliegtuig bereikbaar is. Door de aanhoudende regenval is het vliegveld echter niet continu operationeel. Ook in andere dorpen, zoals Palumeu, Sipaliwini en Coeroeni, is sprake van ernstige overstromingen. Daar staan kostgronden volledig onder water.
VIDS heeft per brief aan NCCR een dringende oproep gedaan voor ondersteuning, met name in de vorm van drinkwater, levensmiddelen en snelle actie. Deze hulp is nu cruciaal om de getroffen gemeenschappen te ondersteunen. “We zijn bezig te kijken naar de zaken die gedaan moeten worden”, zei Slijngard kort.


