Het ministerie van Justitie en Politie (JusPol) zet volgens minister Harish Monorath een traject in waarbij de politie tijdens patrouilles wordt ondersteund door honden die zijn getraind om onder meer wapens en drugs te detecteren. De bewindsman zei woensdag, voor aanvang van de vergadering van de Raad van Ministers (RvM) dat de honden al “in beeld” zijn gebracht.
“Zoals u die honden ziet op de airport, gaan die honden nu mee patrouilleren met de politie om vooral wapens en drugs die zich bij burgers bevinden te identificeren”, aldus Monorath. Hij koppelde de inzet van de honden aan bredere plannen om de aanpak van criminaliteit te intensiveren, waaronder ook de eerder genoemde drone-unit.
De minister benadrukte dat de politie deze aanpak niet alleen kan dragen en riep de samenleving op om actief mee te werken. Volgens hem is het nodig dat burgers niet wegkijken wanneer zij signalen zien die kunnen wijzen op criminele inkomsten of activiteiten in hun omgeving.
Samenleving moet meer melden en minder beschermen
Monorath deed een expliciet beroep op burgers om niet bij te dragen aan crimineel gedrag door mee te genieten van de luxe die criminelen aanbieden, of door familieleden te beschermen wanneer zij zonder duidelijke verklaring met dure goederen thuiskomen. Als mensen in zulke situaties zwijgen, moeten zij volgens de minister achteraf niet stellen dat de politie niets doet.
Hij wees daarbij op de beperkte capaciteit van de opsporingsdiensten. “Want ik heb maar 2.773 politiemensen en nog geen 500 BBS’ers in het veld. Dus ik heb die samenleving mee nodig om aan de lijn te staan met de politie”, zei hij. Volgens Monorath moeten fouten binnen de organisatie worden gecorrigeerd en moeten burgers vertragingen of misstanden melden, zodat de dienstverlening kan worden verbeterd.
De bewindsman stelde dat juist binnen gezinnen en de directe kring vaak signalen zichtbaar zijn, maar dat die niet worden besproken. Hij noemde als voorbeelden het thuiskomen met een dure telefoon of schoenen van honderden euro’s, zonder dat er vragen worden gesteld over de herkomst van het geld. Ook schetste hij situaties waarin iemand ogenschijnlijk niet werkt, maar toch dagelijks geld uitgeeft aan etentjes en grote bedragen betaalt.
‘Bigi libi’ en de gevolgen voor Suriname
Monorath erkende dat luxe en status in de samenleving aantrekkingskracht hebben. Hij gebruikte daarbij ook straattaal om zijn punt te onderstrepen. “Ala sma lobi a bigi libi”, zei hij, doelend op de verleiding van een ‘groot leven’ met dure spullen en opvallende uitgaven. Volgens de minister is het makkelijk om zulke uitingen te normaliseren of te romantiseren, maar worden de negatieve gevolgen uiteindelijk nationaal voelbaar.
Hij waarschuwde dat het wegkijken of vergoelijken van criminele winsten kan bijdragen aan een situatie waarin Suriname bepaalde nationale doelstellingen (“targets”) niet haalt, en dat burgers daar medeverantwoordelijk voor zijn wanneer zij signalen negeren. In dat licht, aldus Monorath, zal ook de drone-unit worden ingezet als onderdeel van de bredere veiligheidsaanpak.











