Het recente rapport van het Quick Scan Team binnen het ministerie van Transport, Communicatie en Toerisme (TCT) legt opnieuw zaken bloot die voor velen allang geen verrassing meer zijn. Huisvestingsproblemen, een instabiele organisatiestructuur, overlappende functies en een gebrek aan duidelijke functieprofielen.
Het zijn geen incidenten, maar symptomen van een dieper probleem: structureel falend beleid. Dat de studie zelfs verlengd moest worden van twee naar vier maanden om alle knelpunten in kaart te brengen, zegt genoeg. Dit ministerie – verantwoordelijk voor cruciale sectoren als transport, communicatie en toerisme – blijkt intern nauwelijks op orde te zijn. En dat is zorgwekkend, want juist deze sectoren zijn belangrijk voor economische groei en ontwikkeling.
Huisvesting is een excuus, geen oorzaak
Het is opvallend dat huisvesting als een van de uitdagingen wordt genoemd. Maar wat wordt eigenlijk bedoeld met de term “huisvestingsproblematiek”? Het blijft een vage aanduiding die meer vragen oproept dan beantwoordt. Gaat het erom dat het ministerie geen kantoorruimte heeft? Dat afdelingen geen plek hebben om te werken? Is er sprake van huurachterstanden waardoor gebouwen verlaten moeten worden? Of wordt er iets heel anders bedoeld? Het rapport laat dit in het midden, terwijl juist deze verduidelijking essentieel is om de ernst en aard van het probleem te begrijpen.
Maar laten we eerlijk zijn: een gebrek aan kantoorruimte of geschikte gebouwen is niet de kern van het probleem. Dat is hooguit een zichtbaar gevolg. De echte crisis zit in het ontbreken van consistent beleid. Een ministerie dat kampt met een onvolledig organogram, geen gestandaardiseerde functieprofielen en overlappende taken heeft geen fundament. In zo’n omgeving maakt het weinig uit in welk gebouw men zit – inefficiëntie blijft bestaan.
Een geschiedenis van instabiliteit
Het rapport wijst terecht op de frequente opsplitsingen en samenvoegingen binnen het ministerie. Dit is geen nieuw fenomeen. Al jaren wordt er in Suriname geschoven met ministeries, directoraten en bevoegdheden, vaak ingegeven door politieke belangen in plaats van bestuurlijke logica. Het gevolg? Instellingen zonder continuïteit. Afdelingen die elkaar overlappen. Beleidslijnen die steeds veranderen. En ambtenaren die werken in een systeem zonder duidelijke richting. We horen al jaren dat we het anders moeten doen, maar zelden wordt concreet gemaakt wát er precies moet veranderen en hoe.
Bekende problemen, weinig oplossingen
Minister Raymond Landveld gaf zelf aan dat veel bevindingen hem niet vreemd zijn. Dat roept een fundamentele vraag op: als deze problemen al bekend waren bij zijn aantreden, waarom zijn ze dan nog steeds zo prominent aanwezig? Het erkennen van problemen is één ding, maar structurele hervormingen blijven uit. En dat is precies waar het telkens misgaat binnen de overheid.
Van symptoombestrijding naar echte hervorming
Als Suriname serieus werk wil maken van verbetering binnen ministeries zoals TCT, dan zijn cosmetische ingrepen niet voldoende. Wat nodig is:
Duidelijke organisatiestructuren met vastgelegde verantwoordelijkheden.
Gestandaardiseerde functieprofielen om willekeur en overlap te voorkomen.
Institutionele versterking in plaats van politieke herschikkingen.
Continuïteit in beleid, ongeacht wisselingen in de politieke top.
Zonder deze basismaatregelen blijft elk rapport – hoe waardevol ook – slechts een momentopname zonder blijvende impact.
Het Quick Scan-rapport is geen doorbraak, maar een bevestiging van wat al jaren bekend is. Het probleem bij TCT is niet waar ambtenaren zitten, maar hoe het ministerie functioneert. Zolang beleid ontbreekt, structuren wankel zijn en politieke keuzes zwaarder wegen dan bestuurlijke rationaliteit, zullen dezelfde problemen zich blijven herhalen – rapport na rapport, minister na minister.


