De VHP-fractie heeft vrijdag 9 oktober uit protest de vergaderzaal van De Nationale Assemblée (DNA) verlaten. Aanleiding is het besluit om parlementariër Kishan Ramsukul niet alsnog de gelegenheid te geven zijn bijdrage te leveren tijdens de behandeling van de Invorderingswet. De oppositie spreekt van een ernstige schending van het parlementaire spreekrecht en beschuldigt de coalitie ervan de rechten van de parlementaire minderheid aan te tasten.
In een persverklaring, ondertekend door VHP-fractieleider Asiskumar Gajadien, spreekt de oppositie haar ernstige bezorgdheid en afkeuring uit over het verloop van de openbare vergaderingen van donderdag 8 en vrijdag 9 oktober.
Volgens de VHP is Ramsukul, die deel uitmaakt van de zevenkoppige Commissie van Rapporteurs, ten onrechte de mogelijkheid ontnomen om zijn parlementaire bijdrage te leveren.
Discussie over sprekersvolgorde
De kwestie ontstond donderdag nadat twee coalitieleden onverwacht afzagen van hun spreekbeurt. Hierdoor kwam Ramsukul eerder aan de beurt dan volgens de vooraf vastgestelde sprekersvolgorde was voorzien.
Omdat Ramsukul zich op dat moment niet in de vergaderzaal, maar wel in het parlementsgebouw bevond, verzocht de oppositiefractieleider om een korte schorsing. Volgens de VHP was dit verzoek in overeenstemming met het gebruik binnen het parlement.
De fungerend voorzitter wees het verzoek echter af en gaf het woord aan een volgende spreker. Toen de voorzitter van DNA later de leiding van de vergadering overnam, besloot hij Ramsukul alsnog het woord te geven. Dit besluit leidde volgens de oppositie tot fel verzet vanuit de coalitie.
Er volgde een discussie van ongeveer een uur over de gevolgde procedure en eerdere vergelijkbare situaties. Uiteindelijk werd het besluit om Ramsukul alsnog te laten spreken niet gehandhaafd.
Bij de voortzetting van de vergadering op vrijdag kreeg de VHP-parlementariër volgens zijn fractie definitief geen gelegenheid meer om zijn bijdrage te leveren.
VHP spreekt van aantasting parlementaire rechten
De oppositie stelt dat het Reglement van Orde duidelijke bepalingen bevat over de omstandigheden waaronder een parlementariër het woord kan worden ontnomen.
Volgens de VHP gaat het daarbij onder meer om situaties waarin een spreker van het onderwerp afwijkt, beledigende uitspraken doet of de orde verstoort. De fractie benadrukt dat geen van deze omstandigheden in het geval van Ramsukul aan de orde was.
De VHP beschouwt de gang van zaken als een ernstige aantasting van de rechten van gekozen volksvertegenwoordigers. Ook vreest de partij dat hiermee een precedent wordt geschapen dat nadelige gevolgen kan hebben voor het functioneren van het parlement.
Volgens de oppositie mogen politieke meerderheidsverhoudingen er niet toe leiden dat de rechten van de minderheid worden beperkt.
Oproep aan DNA-voorzitter
Uit protest tegen de gang van zaken besloot de VHP-fractie vrijdag de vergaderzaal te verlaten. De fractie roept de voorzitter van De Nationale Assemblée op het Reglement van Orde consequent toe te passen en erop toe te zien dat alle parlementariërs, ongeacht hun politieke achtergrond, hun rechten kunnen uitoefenen.
De partij benadrukt dat een goed functionerende parlementaire democratie niet alleen gebaseerd is op het respecteren van meerderheidsbesluiten, maar ook op de bescherming van de rechten van de minderheid.
De beschuldigingen over de vermeende schending van het spreekrecht komen uit de verklaring van de VHP-fractie. Een inhoudelijke reactie van de coalitie op deze verklaring is vooralsnog niet opgenomen.









