President Jennifer Simons wil dat de samenwerking tussen Suriname en China verder wordt vertaald in concrete projecten, lokale werkgelegenheid en betere toegang voor Surinaamse producten tot de Chinese markt. Dat benadrukte zij maandag 12 oktober tijdens een ontmoeting met een Chinese delegatie op het presidentieel paleis.
De veertienkoppige delegatie van het Nationaal Comité van de Chinese People’s Political Consultative Conference (CPPCC) staat onder leiding van vicevoorzitter Bater. Het bezoek vond plaats in het kader van vijftig jaar diplomatieke betrekkingen tussen Suriname en China. Ook minister Melvin Bouva van Buitenlandse Zaken, Internationale Handel en Samenwerking en de Chinese ambassadeur Lin Ji waren bij de ontmoeting aanwezig.
Simons en Bater spraken zich uit voor verdere versterking van de bilaterale betrekkingen. De president benadrukte daarbij dat Suriname belang hecht aan de uitvoering van eerder gemaakte afspraken en overeenkomsten.
Volgens het staatshoofd liggen er mogelijkheden om de handels- en investeringsrelaties te verdiepen en de samenwerking tussen bedrijven uit beide landen te vergroten. Ook de ontwikkeling van de offshore-olie-industrie biedt volgens haar kansen voor verdere samenwerking.
Suriname zoekt daarbij naar partnerschappen die bijdragen aan economische diversificatie, technologieoverdracht en lokale werkgelegenheid. Simons noemde ook de opleiding van een gekwalificeerde beroepsbevolking als belangrijk aandachtspunt, zodat Surinamers kunnen inspelen op de behoeften van de veranderende economie.
De samenwerking met China omvat inmiddels onder meer infrastructuur, energie, mijnbouw, landbouw, gezondheidszorg, onderwijs en technologie. De president wil daarnaast de toegang van Surinaamse producten tot de Chinese markt bevorderen.
Tijdens de ontmoeting stond Simons ook stil bij de historische en culturele banden tussen beide landen. Zij verwees naar de komst van Chinese contractarbeiders en de bijdrage van de Chinese gemeenschap aan de sociale, culturele en economische ontwikkeling van Suriname. Verder bevestigde zij dat Suriname vasthoudt aan het één-China-principe, dat sinds het aangaan van de diplomatieke betrekkingen in 1976 een pijler van de relatie vormt.
Minister Bouva ziet het bezoek als een stap naar een volgende fase in de samenwerking. Volgens hem is er al een belangrijke basis gelegd en moet de aandacht nu uitgaan naar specifieke, concrete vervolgstappen. Welke projecten daaruit zullen voortkomen, is in de verstrekte informatie niet nader uitgewerkt.









