De ruimtevaart kreeg dinsdag een nieuwe historische mijlpaal met de Artemis II-missie van NASA. De vier astronauten, die na hun maanvlucht op weg zijn terug naar de aarde, voerden voor het eerst in de geschiedenis een rechtstreekse radioverbinding uit tussen een ruimteschip nabij de maan en het internationale ruimtestation ISS. Daarmee kreeg de missie niet alleen wetenschappelijke, maar ook symbolische waarde als nieuwe stap in de bemande ruimtevaart.
Artemis II is de eerste bemande missie die de omgeving van de maan bereikt sinds Apollo 17 in 1972. De bemanning van de Orion-capsule vestigde bovendien een nieuw afstandsrecord in de ruimtevaart door tot ongeveer 252.756 mijl van de aarde te reizen, waarmee het oude record van Apollo 13 uit 1970 werd verbroken.
Tijdens de zeven uur durende passage langs de maan legden de astronauten beelden vast van delen van de maan die geen mens eerder zo had waargenomen. NASA publiceerde dinsdag onder meer foto’s van een zeldzame zonsverduistering gezien vanuit de ruimte en van een zogenoemde “Earthset”, waarbij de aarde achter de maan lijkt weg te zakken. Volgens NASA leveren die opnamen niet alleen indrukwekkende beelden op, maar ook waardevolle wetenschappelijke gegevens over het maanoppervlak en de zonnecorona.
Volgens AP heeft de bemanning inmiddels meer dan 50 gigabyte aan foto’s en data naar de aarde gestuurd. Daarbij meldden de astronauten ook lichtflitsen op het maanoppervlak te hebben gezien, mogelijk veroorzaakt door inslagen van kleine ruimtestenen tijdens de verduistering. Dat soort waarnemingen kan wetenschappers helpen om meer inzicht te krijgen in risico’s en omstandigheden voor toekomstige missies naar de maan.
De bemanning bestaat uit Reid Wiseman, Victor Glover, Christina Koch en de Canadese astronaut Jeremy Hansen. De missie geldt als een belangrijke testvlucht voor NASA’s Artemis-programma dat bedoeld is om de mens terug te brengen naar de maan en later ook verdere ruimteverkenning mogelijk te maken. Als alles volgens planning verloopt, zal de capsule vrijdag in de Stille Oceaan landen.
Voor NASA is Artemis II daarmee meer dan alleen een succesvolle ruimtevlucht. De missie laat zien dat bemande verkenning van de diepe ruimte opnieuw werkelijkheid is geworden, ruim vijftig jaar na het Apollo-tijdperk. Tegelijk onderstreept de internationale samenwerking met Canada en het ISS dat de volgende fase van de ruimtevaart niet alleen draait om prestige, maar ook om technologie, wetenschap en voorbereiding op langere reizen buiten de aarde.


