De Centrale Bank van Suriname (CBvS) heeft haar Jaarverslag 2023 op 30 december 2025 gepubliceerd op de website van de Bank.
In dezelfde publicatie wordt vermeld dat de jaarrekening 2023 door de Raad van Commissarissen is vastgesteld op 27 december 2025 en per 30 december 2025 is voorzien van een controleverklaring van de onafhankelijke accountant. De afsluitdatum voor de macro-economische ontwikkelingen die in het jaarverslag zijn verwerkt, is 28 februari 2025.
Achterstand sinds 2015: CBvS werkt aan inhaalbeweging
Opvallend is de expliciete toelichting dat de CBvS “door bijzondere omstandigheden” te maken kreeg met een achterstand in de vaststelling en/of het uitbrengen van jaarrekeningen vanaf 2015. De Bank meldt dat de jaarrekeningen over 2015 tot en met 2022 inmiddels zijn uitgebracht in de periode 30 oktober 2020 tot en met 18 maart 2025.
Met de publicatie van het Jaarverslag 2023 zet de CBvS die inhaalbeweging voort. Voor de financiële sector en het publiek is die ontwikkeling relevant: jaarverslagen zijn niet alleen een wettelijke en governance-verplichting, maar ook een instrument voor transparantie over beleid, toezicht en financiële positie. Dat geldt temeer in een periode waarin vertrouwen in economische instituties en voorspelbaarheid van beleid zwaar wegen voor investeringen en kredietwaardigheid.
Economie groeide 2,5%: vooral handel en industrie trekken kar
In het jaarverslag wordt over 2023 een reële economische groei van 2,5% gerapporteerd, licht hoger dan 2022 (2,4%). Als belangrijkste dragers worden onder meer “Groot- & Kleinhandel en markten” en “Industrie & Fabricage” genoemd. Ook informatie & communicatie, transport & opslag en mijnbouw leverden een positieve bijdrage, terwijl sectoren als constructie en landbouw een negatieve bijdrage noteerden.
De Bank koppelt die groei aan gunstigere macro-economische omstandigheden, waaronder afvlakkende inflatie en dalende wisselkoersen in de tweede helft van het jaar, wat het vertrouwen van consumenten en ondernemers zou hebben ondersteund.
Inflatie daalt, maar blijft hoog
Een van de kernpunten in het verslag is de duidelijke daling van de inflatie. De jaareinde-inflatie kwam in december 2023 uit op 32,6%, tegenover 54,6% in december 2022 – een daling van 22 procentpunt. De Bank schrijft die daling vooral toe aan strikt fiscaal beleid en een verkrappend monetair beleid, terwijl ook stabilisatie van de valutamarkt het effect zou hebben versterkt.
Tegelijkertijd wordt in het jaarverslag erkend dat inflatie – ondanks de daling – hoog blijft in vergelijking met regionale maatstaven, wat druk kan blijven zetten op koopkracht en prijsstabiliteit.
Overheidsfinanciën verslechteren: tekort SRD 2,4 miljard
Waar de groei aantrekt en inflatie afzwakt, laten de overheidsfinanciën volgens de CBvS juist een verslechtering zien. De totale rekening van de overheid vertoonde in 2023 een tekort van SRD 2,4 miljard (negatief 1,9% van het bbp). Dat is slechter dan 2022 (negatief 0,9%) en bovendien hoger dan de IMF-doelstelling van 1,5% van het bbp binnen de Extended Fund Facility (EFF).
Daar staat tegenover dat het saldo van de primaire rekening verbeterde naar SRD 1,8 miljard (1,4% van het bbp), tegen SRD 0,8 miljard (0,8% van het bbp) een jaar eerder.
Financiële resultaten CBvS: nettowinst SRD 6,16 miljard
Uit de (verkorte) resultatenrekening in het jaarverslag blijkt dat de CBvS het boekjaar 2023 afsloot met een nettowinst van SRD 6.156.842.540, tegenover SRD 1.785.107.231 in 2022. In het verslag van de Raad van Commissarissen wordt verder aangegeven dat na correcties (onder meer voor niet-uitkeerbare herwaarderingsresultaten) het te bestemmen resultaat positief SRD 4.489.153.006 bedraagt en aan het reservefonds wordt toegevoegd.
Ook wordt melding gemaakt van versterking van de kapitaalpositie: in januari en februari 2025 stortte de Staat SRD 1,0 miljard aan contanten (uitgaande van de jaarrekening 2021) voor kapitaalversterking, terwijl het reservefonds met SRD 8,4 miljard werd versterkt via staatsobligaties.
Waarom dit jaarverslag politiek en economisch telt
De combinatie van (1) een economische groei van 2,5%, (2) afnemende inflatie, (3) verslechterende overheidsfinanciën en (4) een centrale bank die haar verslagleggingsachterstand inloopt, schetst een gemengd maar belangrijk beeld voor 2023. Het jaarverslag laat zien waar de macro-economische stabilisatie effect sorteert en waar kwetsbaarheden blijven bestaan—met name rond de begrotingspositie.
Daarnaast is de inhaalbeweging in jaarrekeningen en jaarverslagen een signaal richting de samenleving, het bedrijfsleven en internationale partners. Regelmatige en tijdige publicaties vergroten de controleerbaarheid van beleid en versterken het institutioneel vertrouwen, zeker in perioden waarin monetair beleid, koersstabiliteit en toezicht op de financiële sector onder een vergrootglas liggen.












