De Commissie van Rapporteurs, belast met de voorbereiding van een wijziging van de Wet Arbeidsadviescollege, heeft vrijdag 9 januari 2026 overleg gevoerd met het Arbeidsadviescollege (AAC). Het AAC heeft tijdens de vergadering laten weten geen bezwaar te hebben tegen het wetsvoorstel.
De voorgestelde wetswijziging beoogt de benoemingstermijn van leden van het Arbeidsadviescollege te verruimen van twee naar vijf jaar. Volgens het AAC was de termijn van twee jaar oorspronkelijk bedoeld om regelmatige vernieuwing binnen het college mogelijk te maken, maar blijkt die in de praktijk te kort om werkzaamheden en adviestrajecten duurzaam voort te zetten. Het college geeft aan dat de huidige termijn herhaaldelijk leidt tot onderbrekingen in planning, continuïteit en beleidsopvolging.
Tegelijkertijd benadrukte het AAC dat een langere zittingsduur geen beperking vormt voor werknemers-, werkgevers- of overheidspartijen om leden tussentijds terug te roepen of te vervangen. Tijdens de bespreking werd onderstreept dat het college niet opgescheept moet raken met leden die niet functioneren.
Het Arbeidsadviescollege wees er verder op dat het belang van een goed bezet en actief college groot is, omdat arbeidswetgeving volgens het AAC niet kan worden behandeld of doorgestuurd zonder advies van het Arbeidsadviescollege.
De commissieleden stelden onder meer vragen over de kwaliteit van het college, actuele uitdagingen en knelpunten, de toenemende druk rond de uitvoering van salarisbetalingen aan ambtenaren en het functioneren van het AAC in de praktijk.
Aan de vergadering namen deel: Silvana Afonsoewa (voorzitter), Jeffrey Lau, Claudie Sabajo, Mahinderkoemar Jogi en Jennifer Vreedzaam. Ingrid Karta-Bink en Rabindre Parmessar waren als toehoorder aanwezig.












