“We hebben helemaal geen informatie van Staatsolie op papier en het contract wordt nog steeds geheim gehouden voor het parlement en de samenleving”, zei DNA-lid Ronny Asabina maandag in het parlement tijdens de begrotingsbehandeling.
Asabina haalde aan dat een ieder zich aan het voorbereiden is op de ontwikkelingen, die zullen komen vanuit de olie- en gassector in 2028. Maar hij maakt zich zorgen over de contracten die zijn gesloten tussen Staatsolie en de multinationals. “Hoeveel hebben we aan oliereserves? Wat staat er in het contract over onze milieubescherming en de belastingen?” Hij attendeerde eenieder erop dat er niet te vroeg gejuicht moet worden, want de contracten zijn nog niet bekend. “We willen weten wat in de oliecontracten staat”, zei hij nog eens.
Collega DNA-lid Rabin Parmessar gaf aan dat er al afspraken zijn gemaakt tussen de parlementsvoorzitter en de vertegenwoordigers van Staatsolie om al deze zaken te bespreken in een comité-generaal. Maar vooralsnog zijn er geen concrete stappen gezet om deze sessie te organiseren. Parmessar zei verder tijdens zijn betoog dat deze sector Suriname goede perspectieven biedt. De komende jaren kunnen bepalend zijn voor de toekomst van het land. “Maar olie is geen excuus om vandaag minder discipline te tonen.”
Volgens hem mogen de goede vooruitzichten voor het land geen reden zijn om nu te gaan slabakken. Juist omdat er grote inkomsten aankomen, moeten de instituties versterkt worden, de begrotingsdiscipline verbeterd worden, de schuldstrategie op orde gebracht worden en er moet ervoor gezorgd worden dat toekomstige inkomsten niet verdampen in oude politieke gewoonten. “Want landen worden niet rijk door olie alleen. Landen worden rijk door goed bestuur over olie.”










