De commissie die belast is met de huldiging van jubilarissen heeft minister Miquella Huur van Regionale Ontwikkeling geïnformeerd over de voortgang van de voorbereidingen. Door de coronaperiode is een achterstand ontstaan, die tussen 2026 en 2028 gefaseerd moet worden ingelopen.
De commissie die verantwoordelijk is voor de organisatie van de huldiging van jubilarissen heeft op maandag 27 april de stand van zaken gepresenteerd aan minister Miquella Huur van Regionale Ontwikkeling. Tijdens de presentatie kwamen onder meer de historie van het traject, het plan van aanpak, het inhaalplan en de begroting aan de orde.
Volgens de commissie waren de voorbereidingen voor de huldiging in 2020 al in een vergevorderd stadium. Door de toen geldende coronamaatregelen werd het traject echter stopgezet. Daardoor is in de afgelopen jaren een achterstand ontstaan in de erkenning van jubilarissen.
Om die achterstand weg te werken, is een gefaseerd inhaalplan opgesteld voor de jaren 2026, 2027 en 2028. In totaal gaat het om 1566 jubilarissen over de periode 2015 tot en met 2026.
Districten krijgen eigen verantwoordelijkheid
Volgens het gepresenteerde plan van aanpak wordt de organisatie van de huldigingen gedecentraliseerd. Dat houdt in dat elk district verantwoordelijk wordt voor de uitvoering van de eigen huldiging.
De centrale commissie blijft belast met het toezicht op het totale proces. Per district zullen zogenoemde focal points worden aangewezen, die de coördinatie op zich nemen en moeten zorgen voor een ordelijke uitvoering.
Tijdens de huldigingen zullen naast de commissie ook de districtsleiding, directeuren en minister Huur aanwezig zijn. De totale begroting voor de uitvoering van de huldigingen bedraagt volgens de presentatie ongeveer SRD 125 miljoen.



