Het nieuw beleidsplan 2026-2031 van het ministerie van Regionale Ontwikkeling moet niet alleen op papier goed ogen, maar vooral uitvoerbaar en meetbaar zijn in alle ressorten en districten van Suriname. Dat benadrukte minister Miquella Huur van Regionale Ontwikkeling tijdens de tweede dag van de driedaagse workshop voor de samenstelling van het beleidsplan.
De tweede werksessie stond in het teken van overleg met het korps van districtscommissarissen. De workshop wordt georganiseerd door de Ministeriële Planning Unit (MPU) van het ministerie van Regionale Ontwikkeling.
Volgens minister Huur spelen districtscommissarissen een belangrijke rol bij het formuleren van beleid, omdat zij dagelijks in direct contact staan met de samenleving. Daardoor hebben zij, volgens haar, goed zicht op de problemen, behoeften en prioriteiten binnen hun bestuursgebieden.
De minister gaf aan dat de ontwikkeling van de districten kritisch tegen het licht moet worden gehouden. “We moeten durven kijken naar wat goed gaat en wat beter kan. Alleen dan kunnen we komen tot beleid dat daadwerkelijk bijdraagt aan sterke districten”, aldus Huur.
Tijdens de sessie werd ook uitgebreid gesproken over decentralisatie. Huur uitte daarbij haar bezorgdheid over de wijze waarop decentralisatie in de praktijk vorm krijgt. Volgens haar wordt decentralisatie vaak als beleidsdoel genoemd, maar blijft de uitvoering achter wanneer de financiële middelen grotendeels centraal worden beheerd.
Die disbalans kan volgens de bewindsvrouw de uitvoering van beleid op districtsniveau belemmeren. Zij pleitte daarom voor een open discussie over de plaats die decentralisatie binnen het regeringsbeleid moet innemen.
Verder benadrukte Huur dat er binnen het ministerie een gezamenlijke koers nodig is. Alleen door samen te werken en dezelfde richting te volgen, kunnen volgens haar de fundamenten worden gelegd voor verdere ontwikkeling van de districten en daarmee van Suriname als geheel.
Tijdens de workshop verzorgden vertegenwoordigers van Conservation International Suriname, Lindie Aboikoni en Jerry Rasdan, een presentatie over de werkzaamheden van de organisatie. Daarbij werd vooral gewezen op het belang van samenwerking met lokale gemeenschappen bij de duurzame bescherming van natuurgebieden.
Ook Hermien Pavion, directeur van het Directoraat Agrarische Ontwikkeling Binnenland, gaf een presentatie over projecten die momenteel in rurale gebieden worden uitgevoerd.
Bestuurskundige Ine Apapoe ging in op de betekenis van beleid. Zij omschreef beleid als een doelgerichte poging van een bestuursorgaan om maatschappelijke omstandigheden te beïnvloeden of te verbeteren. Volgens haar wordt beleid niet alleen door de overheid gemaakt, maar ook met betrokkenheid van maatschappelijke organisaties en andere stakeholders.
Apapoe stelde verder dat de rol van districtscommissarissen niet in de eerste plaats ligt bij de uitvoering, maar vooral bij het aansturen en coördineren van processen.
De workshop wordt op vrijdag 26 juni afgesloten met deelname van de directie van het ministerie en vertegenwoordigers van andere ministeries die raakvlakken hebben met het beleidsplan. Volgens het ministerie zijn verschillende stakeholders geconsulteerd om ervoor te zorgen dat het beleidsplan uitvoerbaar is, aansluit op de praktijk en breed wordt gedragen.










