De Europese Unie, Spanje, Rusland en het Verenigd Koninkrijk hebben zaterdag met bezorgdheid gereageerd op berichten over de Amerikaanse operatie in Venezuela. In uiteenlopende bewoordingen roepen zij op tot terughoudendheid en het respecteren van het internationaal recht en het VN-Handvest.
EU-buitenlandchef Kaja Kallas meldde op X dat zij contact heeft gehad met de Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken Marco Rubio en met de EU-ambassadeur in Caracas. Volgens Kallas heeft de EU herhaaldelijk benadrukt dat Nicolás Maduro “geen legitimiteit” heeft en dat de Unie een vreedzame overgang verdedigt. Tegelijkertijd onderstreepte zij dat “onder alle omstandigheden” de principes van het internationaal recht en het VN-Handvest moeten worden gerespecteerd, en riep zij op tot terughoudendheid.
Ook de Spaanse premier Pedro Sánchez vroeg via X om “de-escalatie en verantwoordelijkheid”. Hij stelde dat het internationaal recht en de beginselen van het VN-Handvest gerespecteerd moeten worden.
Rusland reageerde scherper en zei “uiterst gealarmeerd” te zijn. Het Russische ministerie van Buitenlandse Zaken eiste “onmiddellijke opheldering”, aldus een verklaring op het Telegram-kanaal van het ministerie. Moskou stelde dat dergelijke acties, als ze worden bevestigd, zouden neerkomen op “een onaanvaardbare inbreuk op de soevereiniteit van een onafhankelijke staat”.
De Britse premier Keir Starmer zei dat het Verenigd Koninkrijk niet betrokken was bij de Amerikaanse operatie en dat hij meer informatie van de Amerikaanse president Donald Trump wil. Starmer veroordeelde de Amerikaanse actie niet, maar benadrukte wel dat volgens hem het internationaal recht altijd moet worden nageleefd. Hij noemde de situatie “snel veranderend” en gaf aan eerst de feiten te willen vaststellen.
Intussen wijst universitair hoofddocent Internationaal Recht André de Hoogh erop dat het gebruik van militair geweld tegen een ander land in principe verboden is onder het VN-Handvest. “Wat de Amerikanen gedaan hebben, is militair geweld gebruiken tegen een ander land. Dat is verboden door het handvest van de Verenigde Naties,” stelt hij.
De Hoogh benadrukt dat een eventuele juridische basis in de Verenigde Staten nog niet betekent dat een arrestatie in een ander land rechtmatig kan worden uitgevoerd. “Ook al is er een arrestatiebevel in je eigen land, dat betekent niet dat je dat kunt uitvoeren in andere landen. Volgens Amerikaans recht is Maduro gearresteerd, maar volgens het recht van Venezuela zal het natuurlijk een kidnapping zijn,” zegt hij.
Volgens De Hoogh is de kernvraag onder internationaal recht vooral dat geweld is ingezet en dat staten geen overheidshandelingen mogen verrichten op vreemd grondgebied zonder toestemming. “Volgens internationaal recht is het in ieder geval onrechtmatig, simpelweg omdat er militair geweld is gebruikt dat verboden is. En in zijn algemeenheid omdat je als overheid geen overheidshandelingen mag verrichten op vreemd grondgebied, tenzij je de toestemming hebt van het betreffende land,” aldus De Hoogh.












