Het KPS zegt kennis te hebben genomen van de beelden, waarop een confrontatie met een groep jongemannen te zien is. Volgens het korps gaat het om een politieambtenaar die niet in uniform is, maar wel in functie was en een dienstvuistvuurwapen bij zich droeg.
De politie begrijpt dat het fragment vragen en bezorgdheid kan oproepen in de samenleving. Het korps benadrukt dat transparantie en zorgvuldigheid in dit soort situaties belangrijk zijn, juist omdat het om geweldstoepassing en het gebruik van een vuurwapen gaat.
In een toelichting verwijst het KPS naar de wettelijke kaders voor geweldgebruik door politieambtenaren. In algemene zin is de bevoegdheid geregeld in artikel 12 van het Politiehandvest en verder uitgewerkt in de Instructie Ambtenaren van Politie, waarin voorwaarden en grenzen zijn vastgelegd, inclusief wanneer een waarschuwingsschot is toegestaan. Daarbij gelden de beginselen van noodzakelijkheid, proportionaliteit en subsidiariteit.
Intern onderzoek ingesteld
Naar aanleiding van het incident is een intern onderzoek gestart om de feitelijke toedracht, de omstandigheden en het handelen van de betrokken politieambtenaar volledig en objectief vast te stellen. Het KPS stelt dat, als uit het onderzoek blijkt dat niet conform de geldende voorschriften is gehandeld, passende maatregelen zullen worden getroffen.
Oproep tot terughoudendheid
Het korps doet ook een beroep op de samenleving om het onderzoek de ruimte te geven en geen conclusies te trekken op basis van een kort fragment zonder volledige context. Zodra het onderzoek is afgerond en voor zover privacy- en onderzoeksbelangen dat toelaten, zal het KPS de samenleving nader informeren.












