“De aangekondigde koopkrachtmaatregelen betekenen slechts een tijdelijke toelage. Het basissalaris van leerkrachten is structureel niet verhoogd”, zegt ondervoorzitter Meredith Hoogdorp van de bond.
Hoogdorp zegt dat wanneer de koopkracht en overbruggingstoelage afgezet worden tegen de armoedegrens van het Algemeen Bureau voor de Statistiek (ABS), het duidelijk wordt dat deze bedragen slechts een zeer beperkte verlichting bieden voor de stijgende kosten van levensonderhoud.
Volgens haar heeft het Syndicaat niet deelgenomen aan de onderhandelingen die door andere onderwijsbonden zijn gevoerd. “Wij kunnen ons daarom ook niet verenigen met de uitkomst van deze besprekingen.” Zij benadrukt wel dat indien leden zich berusten in de aangekondigde aanpassingen, het Syndicaat dat zal accepteren. “Tegelijk zullen wij ervoor zorgen dat leden goed geïnformeerd blijven over de mogelijke gevolgen van deze maatregelen op de lange termijn.”
Verder merkt zij op dat het Syndicaat tegenwoordig neergezet wordt als een organisatie met achterdochtige gedachten. “Dat is opmerkelijk, aangezien tijdens de voorgaande regering kritiek vanuit het onderwijs wél openlijk werd geuit.” Zij meent dat de organisatie vindt dat kritiek op beleid geen achterdocht is, maar een legitiem recht binnen een democratische samenleving.
De leerkrachten zullen in maart SRD 1500 bijgestort krijgen, in april SRD 1700, in mei SRD 1700. Van juni tot en met augustus SRD 2250 per maand en vanaf september tot en met december SRD 2500 per maand.










