Suriname moet meer investeren in de eigen voedselproductie en de afhankelijkheid van geïmporteerde voedingsmiddelen verminderen. Dat stelt minister Mike Noersalim van Landbouw, Veeteelt en Visserij (LVV) in zijn boodschap ter gelegenheid van Wereldvoedseldag, vrijdag 16 oktober 2026.
Noersalim benadrukt dat voedselzekerheid niet uitsluitend draait om het produceren van voldoende voedsel. Ook milieubescherming, economische weerbaarheid en een betere samenwerking tussen landbouwers, verwerkers en consumenten moeten volgens hem onderdeel zijn van het nationale landbouwbeleid.
De minister presenteert vijf belangrijke uitgangspunten die moeten bijdragen aan een sterker voedselsysteem. Een daarvan is het vergroten van de lokale productie, waardoor Suriname minder afhankelijk wordt van voedselimport. Daarbij moet volgens hem ook aandacht worden besteed aan strategische voedselopslag en het terugdringen van voedselverspilling. Restproducten uit de landbouw kunnen bijvoorbeeld opnieuw worden gebruikt voor compost en diervoeder.
Regionale samenwerking blijft noodzakelijk
Hoewel Noersalim inzet op een grotere mate van zelfvoorzienendheid, betekent dit volgens hem niet dat Suriname zich economisch moet afsluiten van andere landen. Integendeel, samenwerking met landen binnen en buiten het Caribisch gebied blijft noodzakelijk om kennis uit te wisselen, eerlijke handel te bevorderen en de positie van lokale producenten te versterken.
De minister wijst daarnaast op de mogelijkheden die Suriname heeft dankzij zijn vruchtbare landbouwgronden en beschikbare waterbronnen. Investeringen in klimaatbestendige landbouwtechnieken, modern plantmateriaal en kennisontwikkeling moeten bijdragen aan een hogere productie en veiligere voedselvoorziening.
Ook de overheid heeft volgens Noersalim een belangrijke verantwoordelijkheid. Die moet zorgen voor de juiste infrastructuur, regelgeving en omstandigheden waarin agrarische ondernemers zich verder kunnen ontwikkelen.
Jongeren moeten kansen zien in landbouwsector
Een bijzonder aandachtspunt in de boodschap van de minister is de betrokkenheid van jongeren bij de agrarische sector. Noersalim wil dat meer jongeren landbouw gaan beschouwen als een moderne economische sector waarin technologie, innovatie en ondernemerschap centraal staan.
“Aan onze jongeren richten wij een bijzondere oproep: zie de agrarische sector als een moderne sector vol kansen, technologie en innovatie, en help mee bouwen aan de toekomst van ons land”, aldus de bewindsman.
Volgens hem is het noodzakelijk dat een nieuwe generatie landbouwondernemers wordt gestimuleerd om de voedselproductie van Suriname verder te ontwikkelen.
Scholen betrokken bij Wereldvoedseldag
In het kader van Wereldvoedseldag heeft het ministerie van LVV verschillende activiteiten georganiseerd om leerlingen kennis te laten maken met landbouw en voedselproductie.
Leerlingen van de Pandit Soerdjpal Ramjatanschool brachten onder meer een bezoek aan de citruskwekerij in Tamansari. Daarnaast werden hydroponicsystemen geschonken aan de O.S. Baitul Rochman en O.S. 2 Tamanredjo. Verschillende scholen ontvingen ook landbouwgereedschappen ter ondersteuning van hun praktijklessen.
LVV-onderdirecteur Amrish Bhaggan van Landbouw-Oost benadrukt dat het ministerie met deze initiatieven jongeren bewust wil maken van het belang van gezonde voeding en lokale voedselproductie. Volgens hem vormt investeren in de landbouwkennis van leerlingen een belangrijke stap richting toekomstige voedselzekerheid.
Beleidsmedewerker Eline Troenosemito onderstreept eveneens het belang van praktijkgericht landbouwonderwijs. Leerlingen moeten volgens haar niet alleen leren welke gewassen in Suriname worden verbouwd, maar ook zelf ervaring opdoen met het telen van voedsel.
Tijdens het bezoek aan de citruskwekerij bleek dat verschillende leerlingen thuis al samen met hun ouders aan landbouw doen. Andere leerlingen gaven aan de opgedane kennis thuis te willen toepassen.
Oproep om lokale producenten te ondersteunen
Noersalim besluit zijn boodschap met een oproep aan de samenleving om meer vertrouwen te stellen in de eigen landbouwsector en bewuster te kiezen voor lokaal geproduceerde voedingsmiddelen.
“Een toekomstbestendige voedselvoorziening ontstaat niet vanzelf, maar vraagt om moed, investeringen en geloof in eigen kunnen”, aldus de minister.
Volgens hem kunnen duurzame benutting van natuurlijke hulpbronnen, ondersteuning van lokale producenten en investeringen in innovatie bijdragen aan een Suriname dat beter in staat is in zijn eigen voedselbehoefte te voorzien.








