President Jennifer Simons benadrukt dat Suriname zijn malariavrije status actief moet blijven beschermen. Volgens het staatshoofd is het behalen van deze status geen eindpunt, maar het begin van een nieuwe fase waarin voortdurende surveillance, regionale samenwerking en goede gezondheidszorg in het binnenland noodzakelijk blijven.
Simons sprak donderdag 13 augustus tijdens de opening van de tweedaagse Subregional Meeting on Malaria Elimination in the Guiana Shield. De bijeenkomst wordt gehouden in het auditorium van het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Arbeid en is een initiatief van de Pan-Amerikaanse Gezondheidsorganisatie (PAHO) in samenwerking met de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO).
De president wees erop dat Suriname als eerste land in het Amazonegebied erin is geslaagd malaria te elimineren. Volgens haar mag het land trots zijn op dat resultaat, maar brengt het succes tegelijkertijd nieuwe verantwoordelijkheden met zich mee.
“Vandaag kijken we dus met blijdschap en trots terug op die effort en we zijn blij met het resultaat. En nu staan we voor een andere uitdaging”, zei Simons.
Volgens haar is samenwerking met landen in de regio, waaronder Brazilië, Guyana en Frans-Guyana, noodzakelijk om te voorkomen dat malaria opnieuw voet aan de grond krijgt in Suriname.
Regionale aanpak noodzakelijk
Simons sprak de hoop uit dat uiteindelijk ook de andere landen binnen het Guyanaschild en vervolgens de rest van Zuid-Amerika malaria kunnen elimineren.
Zij erkende dat dit niet binnen enkele maanden zal gebeuren, maar wees erop dat de ervaringen van Suriname aantonen dat eliminatie mogelijk is wanneer landen langdurig en consequent blijven investeren in bestrijding en preventie.
De president benadrukte daarnaast dat Suriname vanwege zijn open grenzen en de voortdurende beweging van mensen tussen grensgemeenschappen kwetsbaar blijft voor nieuwe besmettingen.
Ook ontwikkelingen in de mijnbouwgebieden moeten volgens haar nauwlettend worden gevolgd. Vooral in goudvelden, waar mensen vanuit verschillende landen en afgelegen gebieden samenkomen, blijft goede gezondheidszorg en surveillance van groot belang.
“Onze bevolking is alleen gegarandeerd van bescherming tegen malaria als we deze benaderingen toepassen, volhouden, constant in overleg zijn en ook de uitvoering van de programma’s op elkaar afstemmen”, aldus Simons.
Gezondheidszorg ook naar goudvelden
Volgens de president vereist malaria-eliminatie een geïntegreerde aanpak waarbij volksgezondheid, mijnbouw en veiligheid gezamenlijk worden betrokken.
Zij vindt dat de ministeries van Volksgezondheid, Natuurlijke Hulpbronnen en Justitie en Veiligheid nauw moeten samenwerken om te voorkomen dat mijnbouwgebieden plaatsen worden waar infectieziekten zich opnieuw kunnen verspreiden.
“De goudvelden moeten geen broedplaatsen worden voor ziekten”, benadrukte het staatshoofd.
Suriname is volgens Simons bereid ook regionaal verantwoordelijkheid te nemen. Via het Surinaams Malaria Programma, dat als Regional Centre of Excellence fungeert, kan het land kennis, ervaring en expertise delen met buurlanden.
Daarbij kunnen onder meer veldwerkers en artsen uit andere landen worden opgeleid.
Digitaal waarschuwingssysteem
Om die regionale rol goed te kunnen vervullen, moet volgens Simons ook de eigen gezondheidsinfrastructuur in het binnenland op peil blijven. Daarbij wees zij op de belangrijke rol van de Medische Zending bij surveillance en medische zorg in afgelegen gebieden.
De president pleitte daarnaast voor een regionaal digitaal waarschuwingsplatform waarmee landen informatie sneller met elkaar kunnen delen.
Ook moeten diagnostiek en medische zorg volgens haar dichter bij de goudvelden worden gebracht en moeten landen hun systemen voor malariasurveillance beter op elkaar afstemmen.
“Laten we werken naar een regionaal en digitaal waarschuwingsplatform, zorg en diagnostiek direct naar de goudvelden brengen en surveillance op elkaar afstemmen”, aldus Simons.






