“Het is gewoon triest. Ik heb er bijna geen woorden voor,” zegt Gloria Bottse van Tra Fas’ De na een oriëntatiebezoek aan een opvangtehuis in Ephraimzegen. Bottse stelt dat zij via een anonieme bron werd gewezen op mogelijke misstanden. “Ik kreeg foto’s en ben zelf komen kijken of de situatie inderdaad zo is als werd aangegeven.”
Volgens Bottse ontving zij drie jaar geleden al foto’s van de situatie binnen het tehuis. Toen zij destijds poolshoogte wilde nemen, kreeg zij geen toegang. Deze week ontving zij opnieuw beeldmateriaal van meerdere anonieme bronnen. Dat was voor haar aanleiding om contact op te nemen met de voorzitter van Stichting Chosen Generation.
Recente uittreksel KKF; Bestuur Atompai
Uit een recent uittreksel van de Kamer van Koophandel en Fabrieken blijkt dat Monche Atompai voorzitter is van het bestuur. De stichting staat sinds 8 oktober 2020 ingeschreven, met als correspondentieadres de Ramonweg in Paramaribo. “Ik heb Atompai direct gecontact om te vragen of ik langs mocht komen om zelf te kijken of de situatie werkelijk zo zorgelijk is als mij is verteld,” aldus Bottse.
Na overleg kreeg Bottse toegang tot het tehuis. De redactie van Key News ging ook mee tijdens de oriëntatie. Uit eigen waarneming is duidelijk te constateren dat er geen sprake is van ‘kwalitatieve begeleiding en goede opvang’. Kinderen die in een donkere gang zitten, kamers die in elk geval niet voldoen aan wat een gezond milieu zou moeten zijn voor het opvoeden en opvangen van kinderen.
Vier kinderen zonder onderwijs
Volgens de aanwezige medewerkers verblijven er veertien kinderen in de opvang. Vier van hen gaan niet naar school. Onder deze groep bevinden zich twee kinderen jonger dan tien jaar, van wie de identiteit volgens haar niet officieel is vastgesteld. “Deze kinderen hebben geen naam, geen identiteitsdocument en geen BAZO-kaart. Het is alsof zij administratief niet bestaan,” stelt zij.
Daarnaast zouden twee jongens van 14 en 17 niet naar school gaan; er is ook geen informatie over de 17-jarige jongen. Volgens de statuten is de opvang bedoeld voor kinderen tot en met 12 jaar, terwijl er jongens verblijven die ouder zijn dan deze leeftijdsgrens. “Dat kinderen door het gebrek aan alternatieve opvang vaak langer in een tehuis blijven dan statutair bedoeld, is begrijpelijk, maar dit mag nooit ten koste gaan van de begeleiding die zij nodig hebben om later zelfstandig en weerbaar in de samenleving te kunnen functioneren.”
In de statuten, zoals vermeld op het KKF-formulier, staat dat de stichting zich richt op het ontwikkelen, stimuleren en in stand houden van kwalitatief en kwantitatief goede kinderopvang. Bottse stelt dat daar in de praktijk weinig van te merken is. “Adequate begeleiding voor deze doelgroep ontbreekt. Dit zijn kinderen die geen stem hebben.”

Waarom het bestuur of het Bureau Familierechtelijke Zaken (BuFaZ) geen zichtbare voortgang heeft geboekt in het vaststellen van de identiteit van deze twee jonge kinderen, is vooralsnog onduidelijk. Bottse vraagt zich af welke aantoonbare stappen zijn gezet om de identiteit van deze kinderen vast te stellen? En welke procedures zijn in gang gezet om hen officieel te registreren? “Heeft het bestuur niet gevraagd waarom vier kinderen niet naar school gaan? Dit slaat haaks op wat er in de statuten staat van de stichting.”
Vrijwilligersactie en onderhoud
In het KKF-formulier staat ook dat de stichting educatieve, culturele en sociale programma’s en projecten kan uitvoeren en eventueel aan fondsenwerving kan doen. Bottse verwijst naar 2023, toen vrijwilligers volgens haar via de media hulp zochten. Ook werd een GoFundMe gestart waarmee ongeveer 3.000 euro werd ingezameld voor renovatie van kinderkamers. “Niet het bestuur heeft er werk van gemaakt, maar vrijwilligers hebben om hulp gevraagd. De kamers zien er allang niet meer zo uit als in 2023. Volgens mij is er geen onderhoud gepleegd en worden vooral kinderen met gedragsproblemen beschuldigd dat zij alles kapotmaken.
Dit is het bestuur aan te rekenen,” zegt zij.
Trauma en gebrek aan professionele begeleiding
Begeleiders gaven aan dat meerdere kinderen regelmatig in bed plassen, waardoor matrassen frequent vervangen moeten worden. Op vragen over de oorzaak hiervan konden de leidsters geen inhoudelijke verklaring geven. Bottse, die jaren ervaring heeft opgedaan in de jeugdzorg in Nederland: “Deskundigen stellen dat bedplassen vaker voorkomt bij kinderen met traumatische ervaringen, zoals verwaarlozing of mishandeling. Trauma kan zich uiten in regressief gedrag en stressgerelateerde klachten. Zonder adequate en professionele begeleiding kan deze problematiek verergeren. Welke concrete stappen ondernomen om de kinderen van de noodzakelijke begeleiding te voorzien? vraagt zij zich af.
Bottse zegt uit gesprekken te hebben begrepen dat het Bureau Familierechtelijke Zaken (BuFaZ) en de politie ook kinderen plaatst in het opvanghuis. “Er werd telkens beloofd dat er begeleiding voor de kinderen zou komen, maar dat bleef bij woorden. Er zou ook door de medewerkers aan het stichtingsbestuur zijn aangegeven dat deze kinderen begeleiding nodig hebben.”
Het ontbreken van deze professionele begeleiding kan volgens Bottse funest zijn, niet alleen voor de toekomst van deze kinderen, maar ook van onze samenleving. “Kinderen met traumatische ervaringen zonder professionele ondersteuning is vragen om grotere maatschappelijke problemen in de toekomst,” aldus Bottse.
Wettelijke verplichtingen en toezicht
Dat kinderen zonder naam en zonder identiteit lopen is volgens Bottse een regelrechte schending van hun rechten. Het recht op identiteit en onderwijs is vastgelegd in het Verdrag inzake de Rechten van het Kind, waarbij Suriname partij is. Dit verdrag waarborgt onder meer het recht op een naam en registratie (artikel 7), bescherming van identiteit (artikel 8) en toegang tot onderwijs (artikel 28).
Daarnaast geeft zij verder aan dat in 2014 de Wet Opvanginstellingen werd aangenomen onder het voorzitterschap van Jennifer Simons bij De Nationale Assemblée. Deze wet schrijft toezichtstructuren voor, waaronder de instelling van een Raad van Toezicht.
Opvallend is dat de Raad van Toezicht pas in 2024 werd benoemd door toenmalig minister Ines Pané van Sociale Zaken en Volkshuisvesting. “Dit is tien jaar na aanneming van de wet. Waarom het een decennium heeft geduurd voordat uitvoering werd gegeven aan deze wettelijke eis, is vooralsnog onduidelijk voor mij.” Bottse vraagt zich af in hoeverre het toezicht in de tussenliggende jaren effectief heeft gefunctioneerd en welke controlemechanismen daadwerkelijk zijn toegepast op opvanginstellingen.
Oplossing
Voor Bottse zijn er wel degelijke oplossingen die tehuizen die kampen met gebrek aan personeel of adequate begeleiding kunnen toepassen. Zo geeft zij aan dat tehuizen zonder deskundige hulp en weinig personeel, eenvoudige zorgstructuren kunnen opzetten met wat er is. “Wijs per groep kinderen één vaste verantwoordelijke aan: het kan ook een verzorger, oudere vrijwilliger of stagiair zijn. Maak een dagelijkse routine: opstaan, eten, taken, rustmoment, slapen.” Taken kun je op een bord schrijven of je kunt met stickers werken. Juist deze doelgroep is gebaat bij dezelfde routine. Tijden van naar bed gaan of onder de douche moeten zoveel mogelijk consequent worden aangehouden. Vrijwilligers kunnen volgens Bottse gepensioneerde leerkrachten zijn of mensen van de kerk, pedagogiekstudenten of zelfs maatschappelijke werkers.
Het op na houden van het dossier van de kinderen brengt ook structuur in de zorg van de kinderen, wat het overleg van de dagelijkse leiding onderling ook vergemakkelijkt. Als er geen geld is voor digitale systemen, is het gebruikmaken van papieren formulieren ook goed. “Je houdt een schrift of formulier bij met de persoonsgegevens van de kinderen, medische achtergrond, waar zij naar school gaan en noteer ook de bijzonderheden of gedrag. Dit helpt bij het afleggen van verantwoording naar de instanties die moeten controleren.”

Oproep tot onafhankelijk onderzoek
Gelet op de geschetste omstandigheden rijst de vraag bij Bottse of hier sprake is van bestuurlijke nalatigheid of onvoldoende naleving van wettelijke verplichtingen. “Wanneer minderjarigen zonder vastgestelde identiteit in een opvang verblijven, geen toegang hebben tot onderwijs en geen aantoonbare professionele begeleiding ontvangen, raakt dit direct aan fundamentele kinderrechten en toezichtverplichtingen van zowel bestuur als bevoegde instanties”, geeft Bottse aan.
Volgens haar is dit genoeg reden dat instanties zoals het Ministerie van Sociale Zaken en Volkshuisvesting, het Bureau Familierechtelijke Zaken en indien noodzakelijk het Openbaar Ministerie onderzoeken of wordt voldaan aan nationale wetgeving en internationale verdragsverplichtingen. “Transparantie over de registratie van de betrokken kinderen, de genomen maatregelen en de feitelijke invulling van toezicht is daarbij essentieel. De centrale vraag blijft: wie neemt verantwoordelijkheid om te garanderen dat deze kinderen niet langer tussen wal en schip vallen?”
Geen reactie
Zowel Bottse als de redactie van Key News hebben geprobeerd de voorzitter om een inhoudelijke reactie te vragen, echter zonder resultaat.











