Minister David Abiamofo van Natuurlijke Hulpbronnen (NH) zegt dat de ordening van de kleinschalige goudsector nog altijd met forse uitdagingen te maken heeft. Hoewel de speciaal ingestelde unit actief is, wordt de uitvoering volgens de bewindsman ernstig belemmerd door een gebrek aan financiële middelen, materieel en logistieke ondersteuning.
Abiamofo stelt dat er met de beperkte middelen die de regering beschikbaar stelt toch stappen worden gezet, onder meer door de communicatie met betrokken partijen te verbeteren. Tegelijkertijd ligt er veel druk op het oplossen van conflicten in het binnenland, die volgens de minister vaak terug te voeren zijn op eerdere perioden waarin mijnbouwrechten zijn toegekend aan derden in of nabij dorpsgebieden. Dat heeft op verschillende plaatsen geleid tot langdurige spanningen tussen concessiehouders en lokale gemeenschappen.
De minister geeft aan dat hij zich minimaal twee keer per week bezighoudt met het bemiddelen in dergelijke kwesties, in samenwerking met de Commissie Ordening Goudsector. De unit Ordening Goudsector is volgens hem inhoudelijk voorbereid om ontwikkelingen en knelpunten in de sector systematisch in kaart te brengen, maar kan haar rol slechts beperkt vervullen zolang essentiële middelen ontbreken. Veel goudvelden zijn bovendien moeilijk bereikbaar, terwijl een groot deel van het beschikbare budget opgaat aan lonen en salarissen.
Ook binnen De Nationale Assemblee wordt volgens Abiamofo regelmatig overlegd over de aanpak en verdere ordening van de goudsector. Er zijn meerdere initiatieven genomen om de sector beter te inventariseren en te structureren. Ondanks de beperkingen zegt de minister dat er “naar vermogen” wordt gewerkt en dat de resultaten binnen de huidige mogelijkheden als redelijk worden beoordeeld.
Over het intrekken van concessies benadrukt Abiamofo dat dit juridisch complex is. De huidige mijnbouwwetgeving biedt bescherming aan rechthebbenden die zich aan de wettelijke bepalingen houden, waardoor rechten niet zonder meer kunnen worden ingetrokken. Wel worden gesprekken gevoerd over corporate social responsibility, waarbij concessiehouders worden aangespoord om meer verantwoordelijkheid te nemen richting omliggende dorpsgemeenschappen.
Volgens Abiamofo werken sommige concessiehouders daaraan mee, maar is dit nog niet in de hele sector het geval. De ordening van de kleinschalige goudsector blijft daarmee een urgent en gevoelig dossier, waarbij structurele oplossingen volgens de minister afhankelijk blijven van extra middelen en politieke keuzes.










