NPS-parlementariër Jerrel Pawiroredjo wil van de regering en de minister van Financiën duidelijke uitleg over de hoge rentelasten die voortvloeien uit de Open Markt Operaties (OMO) van de Centrale Bank van Suriname (CBvS). Volgens Pawiroredjo is onvoldoende duidelijk uit welke middelen deze rentes zijn betaald en in hoeverre de staat uiteindelijk opdraait voor de verliezen van de CBvS.
Tijdens zijn betoog bij de begrotingsbehandeling 2026 stelde Pawiroredjo dat de OMO’s, waaraan inmiddels ook kleine beleggers kunnen deelnemen via Centrale Bank Certificaten, nog altijd veel vragen oproepen. Hij verwees naar een publicatie van de CBvS van mei 2025, waarin volgens hem staat dat de OMO-rentekosten volledig door de bank worden gedragen en ten laste van de winst-en-verliesrekening worden gebracht.
Volgens Pawiroredjo is dat opmerkelijk, omdat de CBvS er volgens hem van uitgaat dat de overheid eventuele verliezen van de bank via een kapitaalinjectie moet dekken. “Ik concludeer hieruit dat de hoge rentes uit de zak van de belastingbetaler moeten komen,” stelde hij.
De NPS’er vraagt de regering daarom expliciet of er sprake is geweest van geldschepping of monetaire financiering. Ook wil hij weten uit welke middelen de hoge rentes zijn betaald, die volgens hem aanvankelijk konden oplopen tot meer dan 80 procent.
Pawiroredjo stelde dat bankinstellingen, andere instellingen, bedrijven en kapitaalkrachtigen miljarden aan rente hebben ontvangen, terwijl de lasten achteraf mogelijk ten laste van de staat worden gebracht. Hij waarschuwt dat hierdoor beslag kan worden gelegd op middelen die anders naar onder meer medische zorg, onderwijs en infrastructuur zouden kunnen gaan.
“De samenleving wordt dubbel geraakt: eerst door de directe gevolgen van de OMO-activiteiten en nu door het terugbetalen aan de CBvS door het geven van een kapitaalinjectie”, aldus Pawiroredjo. Volgens hem draait de belastingbetaler uiteindelijk op voor deze rentelasten, terwijl de constructie slechts beperkte en kortstondige binding van chartale en girale liquiditeiten zou hebben opgeleverd.
In zijn betoog stelde Pawiroredjo dat in maart 2026 de totaal uitgekeerde OMO-rente SRD 9,266 miljard bedroeg. Dat bedrag komt volgens hem overeen met ongeveer USD 286 miljoen. Hij vraagt de Financiënminister om het rapport van de onderzoekscommissie die door de voormalige president is ingesteld met DNA te delen en de volksvertegenwoordiging gedetailleerd te informeren over de kwestie.
Pawiroredjo verwees ook naar het Internationaal Monetair Fonds (IMF), dat volgens hem recent heeft aangegeven dat de CBvS meer liquiditeit uit de economie moet halen via sterilisatieoperaties. Nu de rente is gedaald naar 16 procent, kan dat volgens hem mogelijk verdedigbaar zijn, maar eerst moet duidelijk worden gemaakt hoe de eerdere hoge rentelasten zijn gefinancierd.
De NPS-parlementariër vraagt de regering daarom om volledige openheid over de OMO’s, de financiële gevolgen voor de staat en de mogelijke impact op de begroting. Volgens Pawiroredjo moet duidelijk worden of de samenleving uiteindelijk betaalt voor een beleid waarvan de kosten en resultaten nog onvoldoende transparant zijn gemaakt.












