Stichting Wan Okasi wil dat bescherming van personen met een beperking en andere sociaal zwakkeren een harde voorwaarde wordt bij iedere toekomstige aanpassing van de brandstofprijs. De organisatie vraagt om overleg met president Jennifer Simons.
Stichting Wan Okasi heeft positief gereageerd op het besluit van de regering om de huidige brandstofprijzen voorlopig niet te wijzigen. De belangenorganisatie voor personen met een beperking biedt zich tegelijk aan als gesprekspartner bij het aangekondigde overleg over een mogelijke aanpassing van de brandstofprijs en het loslaten van de prijscap.
Volgens de stichting mag de bescherming van sociaal zwakkeren niet pas aan het einde van de besluitvorming worden besproken. Wan Okasi vindt dat een sociaal vangnet vooraf geregeld moet zijn, ongeacht de uiteindelijke keuze van de regering. De organisatie waarschuwt dat hogere brandstofprijzen direct kunnen doorwerken in de kosten van vervoer, levensmiddelen, zorg en andere noodzakelijke goederen en diensten.
De stichting wijst erop dat personen met een beperking momenteel een uitkering van SRD 2.750 ontvangen, aangevuld met SRD 1.000 en een koopkrachtversterking van SRD 1.800. Volgens Wan Okasi worden de aanvullende bedragen niet altijd tijdig uitbetaald. Ook zouden verschillende personen recent zijn geconfronteerd met het stopzetten van de koopkrachtversterking, zonder dat daarover voldoende uitleg is gegeven.
Aanpassing brandstofprijs raakt kwetsbare groepen direct
Een aanpassing van de brandstofprijs heeft volgens Wan Okasi grotere gevolgen voor mensen die al moeite hebben om hun dagelijkse uitgaven te betalen. Hogere pompprijzen kunnen leiden tot duurdere ritten met taxi’s en bussen, maar ook tot hogere distributiekosten voor winkels. Daardoor kunnen de prijzen van voedsel, medicijnen en andere basisproducten verder stijgen.
Personen met een beperking zijn volgens de organisatie extra kwetsbaar, omdat zij vaak minder mogelijkheden hebben om hun inkomen te verhogen. Toegankelijk onderwijs, passende werkgelegenheid, aangepast vervoer en een inclusieve arbeidsmarkt zijn nog niet voor iedereen beschikbaar. Tegelijk maken veel mensen uit deze doelgroep extra kosten voor hulpmiddelen, medische zorg, begeleiding en persoonlijk vervoer.
Zonder sociaal vangnet wordt elke prijsstijging een directe bedreiging voor de bestaanszekerheid.
Drie voorwaarden voor een rechtvaardig brandstofbeleid
Wan Okasi vraagt allereerst om een automatische koppeling van de uitkering en koopkrachtversterking aan de ontwikkeling van brandstofprijzen en voedselprijzen. Daarmee moet worden voorkomen dat kwetsbare groepen bij iedere prijsstijging opnieuw moeten wachten op een afzonderlijk politiek besluit over compensatie. Volgens de stichting biedt een vast mechanisme meer zekerheid en duidelijkheid.
Daarnaast wil de organisatie dat de koopkrachtversterking gegarandeerd en op tijd wordt uitbetaald. Wanneer een betaling wordt aangepast, vertraagd of stopgezet, moet de overheid daarover tijdig en helder communiceren. Wan Okasi vindt dat mensen die afhankelijk zijn van sociale steun niet in onzekerheid mogen blijven over geld dat nodig is voor hun basisvoorzieningen.
Impactanalyse vóór besluit over de prijscap
Als derde voorwaarde vraagt de stichting om een formele impactanalyse voordat de regering een definitief besluit neemt over het loslaten van de prijscap. In die analyse moeten de gevolgen voor personen met een beperking, huishoudens met lage inkomens en andere sociaal zwakke groepen afzonderlijk worden onderzocht. Ook moet duidelijk worden welke compensatiemaatregelen nodig zijn om koopkrachtverlies te beperken.
Wan Okasi benadrukt dat de organisatie niet principieel tegen een marktconforme prijsstelling of het afbouwen van subsidies is. De stichting erkent dat de regering moeilijke keuzes moet maken om de overheidsfinanciën gezond te houden. Die economische afweging mag volgens de organisatie echter niet betekenen dat de zwaarste lasten terechtkomen bij burgers die nu al onder grote financiële druk staan.
Wan Okasi vraagt gesprek met president Simons
De belangenorganisatie heeft president Jennifer Simons gevraagd om op korte termijn een audiëntie te houden. Tijdens dat gesprek wil Wan Okasi de voorgestelde maatregelen toelichten en een bijdrage leveren aan het overleg met maatschappelijke organisaties. De stichting vindt dat vertegenwoordigers van kwetsbare groepen rechtstreeks betrokken moeten worden bij besluiten die hun bestaanszekerheid kunnen aantasten.
De regering maakte op 4 augustus bekend dat de brandstofprijzen tot nader order ongewijzigd blijven. Volgens de officiële mededeling kost de prijscap de staat ruim SRD 350 miljoen per maand en kan de financiële derving oplopen tot ongeveer SRD 3 miljard. Meer over dat besluit staat in het eerdere bericht van Key News over de brandstofprijzen in Suriname. De volledige regeringsmededeling is ook te vinden op de website van de Surinaamse overheid.
Sociale bescherming blijft centraal in discussie
De oproep van Wan Okasi sluit aan bij eerdere zorgen over de inkomenspositie van personen met een beperking. De organisatie heeft vaker gevraagd om structurele verhoging van uitkeringen en een betere koppeling met de werkelijke kosten van levensonderhoud. In een eerder artikel over de kloof tussen de armoedegrens en de uitkering werd eveneens gewezen op de noodzaak van duurzame sociale bescherming.
Wan Okasi stelt dat economische hervormingen soms noodzakelijk zijn, maar nooit ten koste mogen gaan van de waardigheid van de meest kwetsbare burgers. De komende gesprekken over de prijscap zullen daarom niet alleen over begrotingscijfers en pompprijzen gaan, maar ook over de vraag hoe de regering burgers met de minste financiële ruimte daadwerkelijk kan beschermen.








