Suriname en Azerbeidzjan onderzoeken mogelijkheden om hun bilaterale samenwerking te versterken, met bijzondere aandacht voor energie, buitenlandse investeringen en economische ontwikkeling.
Tijdens een onderhoud op donderdag 29 oktober 2026 besprak minister Melvin Bouva van Buitenlandse Zaken, Internationale Handel en Samenwerking (BIS) deze onderwerpen met de niet-residerende ambassadeur van Azerbeidzjan voor Suriname, Rashad Novruz.
Een belangrijk gespreksonderwerp was het beheer van inkomsten uit de olie- en gassector. Volgens BIS benadrukte Bouva het belang van gerichte buitenlandse investeringen, uitbreiding van handelsrelaties en economische diversificatie. Met het oog op de ontwikkelingen in de Surinaamse olie- en gassector wees de minister ook op de noodzaak van een langetermijnvisie, waarbij duurzaamheid een belangrijke rol speelt.
Ambassadeur Novruz deelde tijdens het overleg de ervaringen van Azerbeidzjan met het beheer van olie- en gasinkomsten. Daarbij werd aandacht besteed aan het State Oil Fund of Azerbaijan (SOFAZ), het staatsinvesteringsfonds van Azerbeidzjan.
Het fonds is opgericht om inkomsten uit olie en gas verantwoord te beheren en dient onder meer als spaar- en stabilisatiefonds. Het moet bijdragen aan financiële stabiliteit en duurzame economische ontwikkeling. De ervaringen van Azerbeidzjan kunnen voor Suriname relevant zijn bij het vormgeven van het beleid rond toekomstige inkomsten uit de eigen olie- en gasindustrie.
Ook aandacht voor onderwijs en diplomatieke samenwerking
Naast economische samenwerking bespraken beide partijen mogelijkheden voor kennisuitwisseling en onderwijs. Daarbij kwamen studiebeurzen, academische samenwerking en het versterken van de banden tussen diplomatieke opleidingsinstituten aan de orde.
Specifiek werd gesproken over mogelijke samenwerking tussen ADA University in Azerbeidzjan en het Surinaams Diplomateninstituut (SDI). Hiermee zouden mogelijkheden kunnen ontstaan voor opleidingen en verdere professionalisering binnen de diplomatieke dienst.
Ook internationale klimaatvraagstukken stonden op de agenda. In aanloop naar de klimaatconferentie COP31 wisselden Bouva en Novruz van gedachten over ontwikkelingen op het gebied van klimaatverandering en het belang van nauwere samenwerking binnen internationale organisaties en multilaterale overlegplatforms.
Het ministerie maakte niet bekend of tijdens het onderhoud concrete overeenkomsten zijn gesloten of welke vervolgstappen op korte termijn worden verwacht.






















