Suriname registreert gemiddeld tien geïmporteerde malariagevallen per maand, met uitschieters van meer dan vijftien besmettingen. Volgens het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Arbeid is het aantal gevallen dit jaar aanzienlijk gestegen ten opzichte van dezelfde periode vorig jaar. Hoewel het land al ruim vijf jaar geen lokale malariaoverdracht heeft geregistreerd, waarschuwen de gezondheidsautoriteiten voor het risico dat de ziekte opnieuw de kop opsteekt.
Directeur Volksgezondheid Rakesh Gajadhar Sukul heeft donderdag 22 oktober 2026 in een interview met de Communicatie Dienst Suriname (CDS) zijn bezorgdheid uitgesproken over de stijging van het aantal geïmporteerde besmettingen. Volgens hem blijft waakzaamheid noodzakelijk om te voorkomen dat malaria zich opnieuw binnen Suriname verspreidt.
Bij geïmporteerde malaria gaat het om personen die buiten Suriname besmet zijn geraakt en vervolgens het land binnenkomen. Volgens Gajadhar Sukul heeft dit vooralsnog geen gevolgen voor de malariavrije status van het land. “Als je importgevallen hebt, ben je nog steeds malariavrij, want de besmetting heeft niet hier plaatsgevonden”, legt hij uit.
Het risico ontstaat wanneer een besmet persoon in Suriname wordt gestoken door een muskiet die de malariaparasiet kan overdragen. Hierdoor kan een nieuwe besmettingsketen ontstaan. Zolang geïmporteerde gevallen voorkomen en de malariamuskiet aanwezig is, blijft volgens de directeur het gevaar van herintroductie bestaan.
Meeste besmettingen afkomstig uit buurlanden
Uit gegevens van het Malaria Programma blijkt dat de geïmporteerde gevallen voornamelijk afkomstig zijn uit de drie buurlanden van Suriname, met name Guyana. Het ministerie zet daarom niet alleen in op nationale preventie, maar ook op versterking van de regionale samenwerking.
De Pan-Amerikaanse Gezondheidsorganisatie (PAHO) werkt samen met de Amazon Cooperation Treaty Organization (ACTO) aan een model voor malariabestrijding dat door landen in het Amazonegebied kan worden toegepast. Suriname levert hieraan een bijdrage door kennis en ervaringen met andere landen te delen.
Volgens Gajadhar Sukul is samenwerking met de buurlanden van groot belang. Wanneer malaria ook in de omliggende landen beter onder controle wordt gebracht, neemt het risico op nieuwe besmettingen in Suriname af.
Extra aandacht voor grens- en goudwinningsgebieden
Het Malaria Programma blijft actief inzetten op vroegtijdige opsporing van besmettingen, vooral in grensgebieden en goudwinningsgebieden. Medewerkers worden ingezet om mogelijke gevallen snel te identificeren, terwijl artsen regelmatig trainingen krijgen om de ziekte tijdig te herkennen.
De directeur benadrukt dat snelle diagnose en behandeling essentieel zijn om verdere verspreiding te voorkomen. Daarnaast speelt bewustwording onder de bevolking volgens hem een belangrijke rol.
Door het grensoverschrijdende personenverkeer is het volgens de gezondheidsautoriteiten niet mogelijk om alle geïmporteerde besmettingen te voorkomen. Daarom wordt vooral een beroep gedaan op personen die reizen naar of terugkeren uit gebieden waar malaria voorkomt.
Oproep om bij klachten direct te testen
Het ministerie roept mensen die in de buurlanden of in goudwinningsgebieden hebben verbleven of gewerkt op om bij mogelijke malariasymptomen onmiddellijk medische hulp te zoeken. Klachten zoals koorts, koude rillingen, hoofdpijn en spierpijn kunnen wijzen op een besmetting.
Gajadhar Sukul benadrukt dat mensen niet alleen zelf alert moeten zijn, maar ook anderen moeten aansporen zich bij verdachte klachten te laten onderzoeken. Door besmettingen tijdig op te sporen en te behandelen, wil Volksgezondheid voorkomen dat malaria opnieuw lokaal wordt overgedragen.
Het ministerie onderstreept dat het behoud van de malariavrije status voortdurende inspanningen vereist, zowel van de gezondheidsdiensten als van de samenleving.








