De voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal, Thom van Campen, heeft op maandag 27 april 2026 met een delegatie een bezoek gebracht aan De Nationale Assemblée. De delegatie werd ontvangen door parlementsvoorzitter Michael Ashwin Adhin, waarna overleg plaatsvond met de fractieleiders.
Tijdens het onderhoud spraken beide parlementsvoorzitters over de verdere versterking van de interparlementaire betrekkingen tussen Suriname en Nederland. Daarbij kwamen onder meer wetgeving rond olie en gas, duurzame economische groei, investeringen in onderwijs en de sociale sector, en een mogelijk vervolg van het Makandra-programma aan de orde. Dat programma werd genoemd als instrument om de economische weerbaarheid te versterken.
Visumvraagstuk en samenwerking
De fractieleiders brachten verschillende vraagstukken naar voren die spelen binnen de Surinaamse samenleving en in de relatie met Nederland. NDP-fractieleider Rabindre Parmessar vroeg nadrukkelijk aandacht voor het visumvraagstuk tussen Suriname en Nederland. Hij riep de fractieleiders op om dit gezamenlijk op te pakken.
Parmessar wees daarnaast op het belang van samenwerking op het gebied van gezondheidszorg, politie en defensie. Ook pleitte hij voor betere informatievoorziening aan exporteurs over procedures.
Namens de NPS pleitte Ivanildo Plein voor vernieuwing van de parlementaire samenwerking tussen beide landen. Hij vroeg ook bijzondere aandacht voor Surinaamse studenten in Nederland, die volgens hem een belangrijke bijdrage kunnen leveren aan de ontwikkeling van Suriname. Verder werd gewezen op het slavernijverleden als belangrijk historisch kader binnen de bilaterale relatie.
Brain drain en economische kansen
A20-fractieleider Steve Reyme bracht de hoge ticketprijzen ter sprake en vroeg aandacht voor samenwerking op het gebied van sport, in het bijzonder voetbal, en de agrarische sector.
VHP-vertegenwoordiger Dew Sharman benadrukte het belang van het oplossen van grenskwesties en pleitte voor structurele samenwerking op het gebied van rechtspraak, wetgeving en parlementaire uitwisseling. Ook wees hij op de problematiek van brain drain, waarbij veel hoogopgeleide Surinamers naar Nederland vertrekken.
ABOP-fractieleider Stanley Betterson stond stil bij de historische relatie tussen Suriname en Nederland en de bijdrage van Suriname tijdens onder meer de Tweede Wereldoorlog. Hij gaf aan dat Suriname, mede door de ontwikkelingen in de olie- en gassector, in de toekomst sterker op eigen benen kan staan. Ook vroeg hij aandacht voor de situatie rond het sportpaspoort, waardoor Surinaamse voetballers volgens hem in een moeilijke positie terecht zijn gekomen.
BEP-fractieleider Ronny Asabina koppelde brain drain aan economische en fiscale omstandigheden. Volgens hem zijn veel Surinamers met kennis en expertise bereid terug te keren, mits de omstandigheden verbeteren. Hij wees daarbij op kansen in de agro-industrie, toerisme en fiscaliteit, en op de noodzaak om bestaande verdragen en samenwerkingsstructuren te herzien.
PL-fractieleider Bronto Somohardjo sprak zijn waardering uit voor het kennismakingsbezoek van Van Campen. Hij benadrukte dat het parlement erop moet toezien dat de regering haar taken op een verantwoorde manier uitvoert.
Gelijkwaardige relatie
Van Campen sprak zijn waardering uit voor de uitnodiging en de mogelijkheid om met het Surinaamse parlement in gesprek te gaan. Hij benadrukte het belang van samenwerking op het gebied van kennis, onderwijs en talentontwikkeling, vooral met het oog op de toekomst van jongeren in beide landen.
Volgens DNA-voorzitter Adhin is tijdens het overleg het belang benadrukt van een duurzame en gelijkwaardige samenwerking, gebaseerd op wederzijds respect. Hij sprak namens De Nationale Assemblée zijn waardering uit voor het bezoek en zei uit te kijken naar verdere versterking van de parlementaire contacten.
De bijeenkomst werd afgesloten met de intentie tot een tegenbezoek en verdere verdieping van de samenwerking. Naast Van Campen bestond de Nederlandse delegatie uit griffier Peter Oskam en stafadviseur Protocol Maxim Pos. De delegatie werd vergezeld door Walter Oostelbos en Martijn van Lith. Ook DNA-griffier Ruth de Windt nam deel aan het overleg.



