De Commissie van Rapporteurs (CvR) van De Nationale Assemblee heeft maandag 13 juli 2026 een uitgebreide toelichting gekregen over meerdere ontwerpwetten die het Surinaamse belastingstelsel moeten moderniseren. De wetsvoorstellen moeten zorgen voor meer uniformiteit, transparantie, rechtszekerheid en een doelmatigere belastinginning.
Directeur van de Belastingdienst Suriname, Marita Lautan-Wijnerman, presenteerde samen met haar staf de inhoud, doelstellingen en onderlinge samenhang van de verschillende wetsproducten. Het gaat onder meer om de Algemene Wet Belastingen, de Algemene Douanewet 2026, de Invorderingswet, de Kostenwet Invordering Belastingen, de Wet Belastingdienst Suriname en een invoeringswet voor de nieuwe belastingwetgeving en belastingrechtspraak.
Volgens Lautan-Wijnerman kunnen de wetsvoorstellen niet afzonderlijk worden beoordeeld, omdat zij nauw met elkaar samenhangen. Zo sluit de Invorderingswet aan op belastingaanslagen die op basis van de Algemene Wet Belastingen worden vastgesteld. De Kostenwet verwijst bij bezwaar- en beroepsprocedures naar de Algemene Wet Belastingen en de Algemene Douanewet.
De Invoeringswet moet bestaande formele bepalingen vervangen door verwijzingen naar de nieuwe regelgeving. De Wet Belastingdienst Suriname regelt daarnaast de organisatorische inrichting van de dienst en geeft uitvoering aan de bevoegdheden die in de overige wetten zijn opgenomen.
Uniforme regels voor verschillende belastingen
Een belangrijk onderdeel van de hervormingen is de Algemene Wet Belastingen. Daarin worden de formele regels voor verschillende belastingsoorten samengebracht. Het gaat onder meer om de inkomstenbelasting, loonbelasting, dividendbelasting, omzetbelasting, vermogensbelasting, huurwaardebelasting, casinobelasting en loterijbelasting.
Ook bepalingen rond het Algemeen Oudedagsvoorzieningsfonds worden in de uniforme wetgeving opgenomen.
Momenteel bevatten de verschillende belastingwetten afzonderlijke regels over onder meer aangiften, betalingstermijnen en bezwaar- en beroepsprocedures. Volgens de Belastingdienst leidt deze versnippering tot onduidelijkheid en verschillen in de toepassing van de regels.
Met de Algemene Wet Belastingen moeten de procedures worden geharmoniseerd. Ook de informatieplicht van belastingplichtigen, de controlebevoegdheden van de Belastingdienst en de regels rond belastingboetes worden verduidelijkt.
Invorderingsregels uit 1869 worden vervangen
Tijdens de presentatie werd ook ingegaan op de nieuwe Invorderingswet. De verantwoordelijkheid voor het tijdig betalen van belastingen blijft volgens de toelichting in de eerste plaats bij de belastingplichtige liggen.
Wanneer betaling uitblijft, moet de Belastingdienst echter over duidelijke wettelijke bevoegdheden beschikken om maatregelen te treffen. De huidige regelgeving voor belastinginvordering dateert grotendeels uit 1869 en is in de loop der jaren meerdere keren aangevuld.
Volgens de Belastingdienst sluit deze regelgeving niet meer voldoende aan op de huidige uitvoeringspraktijk. De nieuwe Invorderingswet moet daarom een modern, transparant en samenhangend kader bieden voor de invordering van belastingen.
Belanghebbenden worden gehoord
De vergadering stond onder leiding van commissievoorzitter Rabindre Parmessar. De commissieleden kregen gelegenheid om vragen te stellen over de inhoud en uitvoering van de ontwerpwetten.
In het tweede deel van de bijeenkomst besprak de commissie de verdere voorbereiding van de parlementaire behandeling. Daarbij werd onder meer gesproken over de planning voor het horen van betrokken organisaties en andere belanghebbenden, voordat de wetsvoorstellen in openbare behandeling worden genomen.
Naast Parmessar waren de commissieleden Asiskumar Gajadien, Rossellie Cotino, Jennifer Vreedzaam, Kishan Ramsukul, Ronny Asabina en Jeffrey Lau aanwezig. Ebu Jones, Cheryl Dijksteel, Jerrel Pawiroredjo en Chuanrui Wang woonden de vergadering als toehoorders bij.












