De Verenigde Naties in Suriname stellen in hun Annual Results Report 2025 dat het land zich in een belangrijke overgangsfase bevindt. Volgens het rapport werd 2025 gekenmerkt door nationale mijlpalen, politieke ontwikkelingen en een intensievere samenwerking met regionale en internationale partners.
De verkiezingen van 2025 worden in het verslag omschreven als een belangrijk moment in de constitutionele en politieke ontwikkeling van Suriname, mede door de verkiezing van Jennifer Geerlings-Simons als eerste vrouwelijke president van het land.
Tegelijkertijd wijst de VN erop dat Suriname te maken blijft hebben met een complexe combinatie van economisch herstel, sociale druk en milieukwetsbaarheid. Na jaren van macro-economische instabiliteit, inflatie en fiscale druk heeft de regering hervormingen doorgevoerd, ondersteund door een IMF-programma. Deze maatregelen hebben volgens het rapport bijgedragen aan stabilisatie en hernieuwde groei, maar ook druk gelegd op huishoudens, vooral onder lagere inkomensgroepen.
Aandacht voor kwetsbare groepen
Het rapport benadrukt dat armoede en ongelijkheid in Suriname niet gelijk verdeeld zijn. Vooral gemeenschappen in het binnenland, Inheemse en tribale volken, vrouwen, jongeren en huishoudens met een laag inkomen worden genoemd als groepen die extra risico lopen om achter te blijven. De VN stelt dat het sociale beschermingssysteem wel is uitgebreid, maar dat dekking, registratie en uitvoering nog beperkingen kennen.
Ook voedselzekerheid blijft volgens de VN een belangrijk aandachtspunt. Een aanzienlijk deel van de huishoudens heeft moeite om voldoende en voedzaam voedsel te verkrijgen. Structurele problemen in de landbouw, waaronder beperkte productieve landinzet, klimaatkwetsbaarheid, zwakke logistiek en afhankelijkheid van voedselimport, blijven volgens het rapport de sector beïnvloeden.
Landbouw, ondernemerschap en groene economie
Binnen het programma voor economische veerkracht en gedeelde welvaart ondersteunde de VN in 2025 verschillende initiatieven voor landbouw, ondernemerschap en arbeidsmarktontwikkeling. Onder meer kleine boeren, Inheemse en tribale producenten en ondernemers kregen ondersteuning bij toegang tot financiering, moderne landbouwtechnieken en klimaatbestendige productiemethoden.
Een van de genoemde resultaten is de oprichting van een zogenoemde collateral facility, die kleinschalige landbouwers, onder wie Inheemse en tribale boeren, moet helpen om toegang te krijgen tot krediet. Daarnaast werden meer dan 80 bedrijven ondersteund om groener en concurrerender te werken via het My Green Enterprise-programma. Ook werd gewerkt aan een actieplan voor publieke arbeidsbemiddeling en een registratiesysteem voor werkzoekenden en werkgevers.
Onderwijs, gezondheid en sociale bescherming
Op sociaal gebied meldt de VN vooruitgang bij onder meer seksuele en reproductieve gezondheidszorg, jongerenprogramma’s en digitale gezondheidsdiensten. Zo kregen 150 jongeren van Afro-Surinaamse afkomst gerichte begeleiding rond levensvaardigheden en seksuele en reproductieve gezondheid. Daarnaast voltooiden 14 medewerkers van maatschappelijke organisaties trainingen rond gendertransformatieve benaderingen en seksuele voorlichting.
In de gezondheidssector werden meer dan 4.500 prenatale en postnatale dossiers gedigitaliseerd in het Perinataal Informatiesysteem bij AZP en ’s Lands Hospitaal. Verder worden 60 zorgprofessionals getraind in datamanagement en evidence-based besluitvorming. Volgens het rapport is Suriname bovendien het eerste land in het Caribisch gebied dat een elektronisch overlijdenscertificaat heeft ingevoerd, waardoor de kwaliteit van sterfteregistratie moet verbeteren.
Klimaat en milieu blijven kwetsbaar punt
Hoewel Suriname internationaal bekendstaat als een land met een hoge bosbedekking en een netto-koolstofnegatieve status, waarschuwt de VN dat klimaatverandering, mijnbouw, vervuiling en kust- en waterbeheer grote risico’s blijven vormen. Het rapport wijst op problemen zoals overstromingen, droogte, kusterosie en milieuschade in gebieden waar gemeenschappen direct afhankelijk zijn van natuurlijke hulpbronnen.
De VN stelt dat Suriname belangrijke kansen heeft door de verwachte inkomsten uit olie en gas, maar waarschuwt tegelijk voor risico’s als deze inkomsten niet transparant en strategisch worden beheerd. Volgens het rapport moeten economische groei, goed bestuur, klimaataanpak en sociale bescherming beter op elkaar worden afgestemd.
VN ziet vijf grote knelpunten
Het rapport noemt vijf brede uitdagingen die verdere ontwikkeling kunnen belemmeren: ongelijkheid en uitsluiting, gebrekkige data en capaciteit, versnippering binnen instituties, klimaat- en milieukwetsbaarheid en risico’s rond de overgang naar een economie met inkomsten uit natuurlijke hulpbronnen.
Volgens de VN is vooral betere data nodig om beleid effectiever te maken. In 2025 ondersteunde de organisatie onder meer de voorbereidingen voor Surinames tweede Voluntary National Review, waarbij het land de voortgang op alle 17 duurzame ontwikkelingsdoelen presenteerde tijdens het High-Level Political Forum.
Samenwerking richting 2030
De VN benadrukt dat Suriname de komende jaren cruciale keuzes moet maken richting 2030, het streefjaar van de Sustainable Development Goals. Volgens VN-residentcoördinator Joanna Kazana blijft samenwerking tussen overheid, maatschappelijke organisaties, private sector, jongeren, internationale partners en lokale gemeenschappen noodzakelijk om duurzame ontwikkeling concreet te maken.
Het VN-landenteam in Suriname werkte in 2025 met achttien VN-organisaties, fondsen en programma’s. Vijf daarvan zijn resident in Suriname, waaronder UNDP, PAHO/WHO, UNICEF, UNFPA en IOM. Het werk richtte zich vooral op vier prioriteiten: economische veerkracht, gelijkheid en welzijn, klimaatweerbaarheid en natuurlijke hulpbronnen, en vrede, veiligheid, rechtvaardigheid en rechtsstaat.












