VHP Nederland roept de Surinaamse regering op om volledige openheid te geven over het onderzoek naar de massale vissterfte in de bovenloop van de Saramaccarivier. De organisatie pleit daarnaast voor onafhankelijk onderzoek naar de oorzaak van de vissterfte en mogelijke verontreiniging van het riviergebied.
In een verklaring stelt VHP Nederland dat de informatie die de afgelopen weken naar buiten is gekomen over mogelijke chemische verontreiniging aanleiding geeft tot bezorgdheid over de gevolgen voor mens, dier en milieu.
Volgens de organisatie blijkt uit tot nu toe bekendgemaakte onderzoeksgegevens dat in watermonsters onder meer cyanide en kwik zijn aangetroffen, maar in concentraties onder de geldende normwaarden. Ook zouden verhoogde waarden van ijzer, aluminium, mangaan, zwevende stoffen en Chemical Oxygen Demand zijn vastgesteld.
Tegelijkertijd is volgens VHP Nederland nog niet definitief vastgesteld wat de massale vissterfte heeft veroorzaakt, waar een eventuele verontreiniging vandaan komt en wie daarvoor verantwoordelijk kan worden gehouden.
De organisatie benadrukt daarom dat niet vooruitgelopen moet worden op de definitieve onderzoeksresultaten. Bedrijven, organisaties of personen mogen volgens haar niet zonder voldoende bewijs als verantwoordelijke worden aangewezen.
Gevolgen voor gemeenschappen
VHP Nederland wijst erop dat verschillende gemeenschappen langs de rivier voor hun voedselvoorziening, drinkwater, landbouw en inkomsten afhankelijk zijn van het riviergebied.
Wanneer bewoners gedurende langere tijd wordt geadviseerd om geen vis uit de rivier te eten en geen rivierwater te gebruiken, gaat het volgens de organisatie niet uitsluitend om een milieuvraagstuk. Ook de volksgezondheid en de economische positie van bewoners kunnen hierdoor worden geraakt.
De organisatie vraagt daarnaast aandacht voor afspraken die kort vóór de vissterfte werden gemaakt tussen de overheid, de Matawai-gemeenschap en Zijin Rosebel Mines over onder meer veiligheid, registratie en monitoring van mijnbouwactiviteiten in het Moeroekreekgebied.
Volgens VHP Nederland moet worden onderzocht in hoeverre de afgesproken controle- en monitoringsmechanismen daadwerkelijk hebben gefunctioneerd. De organisatie benadrukt dat hiermee geen verantwoordelijkheid van een bedrijf of andere partij wordt vastgesteld.
Onafhankelijk onderzoek gevraagd
VHP Nederland roept de regering op alle onderzoeksresultaten openbaar te maken, waaronder onderzoeken naar water, vissen, sediment en bodem.
Ook zou waar nodig gebruik moeten worden gemaakt van internationaal geaccrediteerde laboratoria en onafhankelijke deskundigen op het gebied van milieu en toxicologie.
Verder wil de organisatie duidelijkheid over het toezicht op mijnbouwactiviteiten in het Moeroekreekgebied, waaronder de opslag en het gebruik van chemicaliën en de controle van opvang- en mijnbouwbekkens.
VHP Nederland vindt daarnaast dat veilig drinkwater en voedsel beschikbaar moeten blijven voor getroffen gemeenschappen. Indien noodzakelijk zouden ook medische controles en langdurige milieumonitoring moeten worden georganiseerd.
Schade in kaart brengen
De economische gevolgen van de vissterfte moeten volgens de organisatie eveneens zorgvuldig worden onderzocht. Indien later wordt vastgesteld wie verantwoordelijk is en welke schade is veroorzaakt, zou er volgens VHP Nederland een passende regeling moeten komen voor getroffen bewoners, vissers en andere benadeelden.
Ook vraagt de organisatie de autoriteiten om relevante gegevens en bewijsmiddelen veilig te stellen, zodat onafhankelijk kan worden vastgesteld wat zich precies heeft voorgedaan.
VHP Nederland ondersteunt verder de oproep om op korte termijn een tussentijdse rapportage te verstrekken aan De Nationale Assemblée en de samenleving.
Volgens de organisatie hebben vooral de getroffen gemeenschappen recht op duidelijke informatie over de voortgang van het onderzoek, mogelijke gezondheidsrisico’s en de maatregelen die door de overheid worden genomen.
VHP Nederland stelt dat de kwestie boven partijpolitieke tegenstellingen moet worden geplaatst en zegt de verdere ontwikkelingen rond de vissterfte nauwlettend te blijven volgen.








