De regering zet het overleg over de Wet Bescherming Woon- en Leefgebieden voort met Inheemse en Tribale gemeenschappen. VIDS wil eerst breed overleg met de dorpshoofden voordat zij een collectief standpunt inneemt over mogelijke afkondiging van de wet.
De presidentiële werkgroep Decentralisatie en Grondenrechten heeft woensdag 5 augustus 2026 opnieuw overleg gevoerd met de Vereniging van Inheemse Dorpshoofden in Suriname, VIDS. Centraal stond de Wet Bescherming Woon- en Leefgebieden, die president Jennifer Simons wil afkondigen. Volgens de werkgroep moet de wet voorkomen dat nieuwe concessies voor onder meer goudwinning, zandwinning, houtkap en andere activiteiten worden verstrekt binnen gebieden die als beschermd woon- en leefgebied zijn aangewezen.
Het gesprek op het Kabinet van de President volgt op een eerdere bijeenkomst van 9 juli met vertegenwoordigers van het Traditioneel Gezag. Tijdens dat overleg werd de wet gepresenteerd als een tijdelijke vorm van bescherming, terwijl wordt gewerkt aan een definitieve oplossing voor het grondenrechtenvraagstuk. De overheid lichtte toen toe dat verdere opmerkingen van de gemeenschappen zouden worden meegenomen voordat een besluit over afkondiging wordt genomen.
Edgar Dikan, voorzitter van de presidentiële werkgroep en adviseur voor decentralisatie en grondenrechten, zegt dat de overheid zichzelf met de regeling deels beperkt. Wanneer een gebied onder de bescherming van de wet valt, zou de staat daar volgens hem niet langer zonder meer mijnbouw-, goud-, zand- of houtconcessies kunnen uitgeven. Dikan ziet daarin juist een voordeel, omdat dit onzekerheid kan verminderen en conflicten tussen gemeenschappen, overheid en concessiehouders kan helpen voorkomen.
Wet Bescherming Woon- en Leefgebieden als tijdelijke bescherming
Volgens Dikan staat de voorgestelde regeling niet los van de al jaren durende discussie over de wettelijke erkenning van grondenrechten van Inheemse en Tribale volken. Hij beschouwt de wet als een aanzet om in de periode vóór een definitieve wettelijke regeling meer zekerheid te bieden. De regering benadrukte tijdens het eerdere overleg met het Traditioneel Gezag eveneens dat de maatregel het grondenrechtenproces niet moet vervangen.
De werkgroep stelt dat doel, inhoud en reikwijdte van de wet inmiddels duidelijker worden voor de betrokken organisaties. Toch wil VIDS nog geen definitief oordeel geven. De vereniging heeft aangegeven dat verdere uitleg en intern overleg nodig zijn. De informatie uit het gesprek met Dikan wordt daarom eerst teruggebracht naar de dorpshoofden en de gemeenschappen die zij vertegenwoordigen.
VIDS wil dorpshoofden uitgebreid informeren
VIDS voorzitter Muriel Fernandes benadrukt dat de Inheemse dorpshoofden rechtstreeks betrokken willen blijven bij het proces. Volgens haar bood de vervolgbespreking ruimte om dieper in te gaan op vragen die tijdens de eerdere bijeenkomst onvoldoende konden worden behandeld. De delegatie heeft aanvullende informatie ontvangen en zal die nu bespreken binnen de eigen structuren.
De vereniging is van plan eind augustus een minicongres te organiseren waarbij alle betrokken kapiteins en granmans worden uitgenodigd. Het is de bedoeling dat de inhoud en mogelijke gevolgen van de wet daar uitvoerig worden toegelicht. Mogelijk wordt ook de regering gevraagd aanwezig te zijn om vragen rechtstreeks te beantwoorden. VIDS wil onder meer duidelijkheid over wat er praktisch verandert wanneer de wet wordt afgekondigd en hoe dit zich verhoudt tot de uiteindelijke regeling van de grondenrechten.
VIDS wil pas na breed overleg een collectief besluit nemen over de wet.
Bescherming gaat volgens VIDS verder dan dorpsgrenzen
Een belangrijk aandachtspunt voor VIDS is de omvang van de gebieden die onder bescherming moeten vallen. Fernandes wijst erop dat het traditionele woon- en leefgebied niet beperkt is tot de directe omgeving van een dorp of een vaste straal daaromheen. Inheemse gemeenschappen gebruiken veel grotere gebieden voor jacht, visserij, het verzamelen van medicinale planten en andere activiteiten die samenhangen met hun levenswijze en cultuur.
Dat punt sluit aan bij eerdere bezwaren die VIDS heeft geuit over de bescherming van traditionele gebieden. In september 2025 berichtte Key News dat de organisatie zich tegen afkondiging van de wet uitsprak, onder meer omdat de voorgestelde bescherming volgens haar onvoldoende recht zou doen aan de omvang van traditionele gebieden. VIDS benadrukte toen eveneens dat bescherming tegen nieuwe gronduitgifte noodzakelijk is, maar dat een tijdelijke regeling niet ten koste mag gaan van de erkenning van collectieve rechten. Lees ook: VIDS verzet zich tegen Wet Bescherming Woon- en Leefgebieden.
Collectief besluit moet uit minicongres komen
Fernandes maakt duidelijk dat VIDS het uiteindelijke standpunt niet namens de gemeenschappen vooruit wil lopen. Binnen de traditionele bestuursstructuren wordt volgens haar groot belang gehecht aan collectieve besluitvorming. De kapiteins, granmans en andere vertegenwoordigers moeten daarom eerst over dezelfde informatie beschikken voordat een gezamenlijk besluit kan worden genomen.
Ook met Tribale gemeenschappen wil de presidentiële werkgroep het gesprek voortzetten. Dikan zegt dat er contact is met hun vertegenwoordigers en dat vervolgoverleg in de planning ligt. Daarmee probeert de regering zowel Inheemse als Tribale gemeenschappen te betrekken bij de verdere behandeling van de Wet Bescherming Woon- en Leefgebieden.
Grondenrechten blijven centrale vraag
Hoewel de discussie nu vooral draait om bescherming tegen nieuwe uitgiften en concessies, blijft voor VIDS de grotere vraag wanneer de collectieve grondenrechten daadwerkelijk wettelijk worden geregeld. De vereniging wil voorkomen dat een tijdelijke maatregel wordt gezien als eindpunt van het proces. Inheemse vertegenwoordigers hebben in de afgelopen jaren meerdere keren aangedrongen op volledige juridische erkenning van hun traditionele gebieden en zeggenschap over besluiten die deze gebieden raken.
Het geplande minicongres aan het einde van augustus moet duidelijk maken hoe breed het draagvlak voor de wet binnen de Inheemse gemeenschappen is en welke voorwaarden zij stellen aan verdere stappen. De uitkomst kan bepalend worden voor het vervolg van het overleg met president Simons en de werkgroep, terwijl de discussie over grondenrechten en bescherming van traditionele gebieden onverminderd op de nationale agenda blijft.









