Slechts 234 van de 721 leerlingen die vanwege een tekort aan schoolplaatsen tijdelijk naar een andere school zijn verwezen, hebben zich daadwerkelijk ingeschreven. Voor 487 leerlingen is de plaatsing daardoor nog niet rond. Directeur Algemeen Vormend Onderwijs (AVO) Gracia Valies-Ormskirk waarschuwt ouders dat toegewezen plaatsen aan andere leerlingen kunnen worden gegeven als zij hun kinderen niet tijdig inschrijven.
“Als u dat niet doet, zijn we genoodzaakt de tweede groep die zich laat inschrijven daar te plaatsen, met allerlei gevolgen van dien, dat uw kind straks helemaal geen school heeft of naar school kan”, zegt Ormskirk in een interview van het ministerie van Onderwijs, Wetenschap en Cultuur (minOWC).
Volgens haar werd tijdens de pre-registraties al duidelijk dat verschillende scholen onvoldoende capaciteit hebben om alle leerlingen in hun eigen woonomgeving op te vangen.
“Op basis van de pre-registraties hebben we gezien dat we sowieso een bovencapaciteit hadden en nog steeds hebben”, aldus Ormskirk.
Het ministerie moest daarom voor 721 leerlingen uitwijken naar scholen buiten hun directe woonomgeving. Die maatregel stuit op weerstand bij ouders. Van de betrokken groep hebben zich inmiddels 234 leerlingen ingeschreven, terwijl 487 nog niet op de toegewezen school zijn aangemeld.
Grote weerstand tegen alternatieve scholen
Ormskirk noemt verschillende voorbeelden waaruit blijkt dat ouders terughoudend zijn met de tijdelijke plaatsing. Van een groep van 48 leerlingen die voor leerjaar 9 naar de Sylvesterschool is verwezen, hebben zich volgens haar slechts 23 ingeschreven.
Nog groter is het verschil bij leerlingen uit de omgeving van Kwarasan. Daar moeten 180 leerlingen tijdelijk naar de Ella Simonschool. Slechts 20 zouden zich tot nu toe hebben ingeschreven. “De ouders zijn niet content”, erkent Ormskirk. “We begrijpen de emoties. We begrijpen al dit soort zaken, maar als ministerie zijn we ook verantwoordelijk. We kunnen deze kinderen niet buiten de boot laten, niet thuis laten.”
Volgens haar is het alternatief dat leerlingen onderwijs mislopen of opnieuw in een systeem terechtkomen waarbij zij niet dagelijks les kunnen volgen.

Ministerie wil herhaling vorig schooljaar voorkomen
Ormskirk zegt dat het ministerie juist wil voorkomen dat leerlingen vanwege ruimtegebrek slechts een deel van de week onderwijs krijgen. “Wat we eigenlijk niet wilden, is dat te veel kinderen weer in de situatie verkeren om de ene dag les te volgen”, zegt zij. Volgens haar heeft het afgelopen schooljaar laten zien dat zo’n situatie negatieve gevolgen heeft voor de schoolprestaties.
“De ervaring heeft ons geleerd met het afgelopen schooljaar dat de meeste van deze kinderen het niet hebben gehaald. En dat willen we dit jaar niet hebben.” Het ministerie gaat er volgens haar van uit dat leerlingen betere resultaten behalen wanneer zij volledig en structureel onderwijs kunnen volgen.
Plaatsing buiten woonomgeving moet tijdelijk zijn
De AVO-directeur benadrukt dat de doorverwijzing geen permanente oplossing is. De leerlingen zouden in principe voor één kwartaal op een andere school worden ondergebracht. “Schrijf uw kinderen in op de plek waar ze toegewezen zijn, omdat dit voor slechts een kwartaal zal duren”, zegt Ormskirk.
Het ministerie werkt tegelijkertijd aan uitbreiding van de schoolcapaciteit. Er moeten in eerste instantie ongeveer zestig lokalen worden gebouwd. Het streven is dat de benodigde lokalen uiterlijk in december beschikbaar zijn.
Daarna moeten leerlingen zoveel mogelijk terugkeren naar een school in hun eigen woonomgeving. “Na dat kwartaal wordt uw kind teruggebracht naar zijn of haar eigen woonomgeving. Dan wordt uw kind weer geplaatst op die school waar het dus eigenlijk zou moeten zijn.” Vooral in kinderrijke gebieden zoals Wanica en Paramaribo-Zuid loopt de bestaande schoolcapaciteit volgens het ministerie tegen haar grenzen aan.
Extra busroutes en pendelbussen
Omdat een deel van de leerlingen tijdelijk verder van huis naar school moet, heeft het ministerie nieuwe bustrajecten ingevoerd. Ormskirk erkent dat ook hierover klachten zijn. Sommige ouders zeggen dat hun kinderen alsnog een flinke afstand moeten afleggen voordat zij een schoolbus kunnen bereiken.
“Wij zullen ook als ministerie ervoor zorgen dat er pendelbussen zijn die in de vroege weken de kinderen zullen gaan ophalen”, zegt zij. Volgens Ormskirk moeten de vervoersmaatregelen voorkomen dat de tijdelijke overplaatsing een extra belemmering vormt voor leerlingen.
Oproep vlak voor start schooljaar
Met de start van het schooljaar op 1 oktober doet Ormskirk een dringende oproep aan de honderden ouders die hun kinderen nog niet hebben ingeschreven. “Dit is heel serieus: schrijf uw kind in waar het naartoe verwezen is, zodat het kind geen leerstof mist of thuis blijft hangen.”
Volgens haar ligt de verantwoordelijkheid niet alleen bij het ministerie. “We voelen ons verantwoordelijk en we vragen ook dat u die verantwoordelijkheid draagt, samen met ons. Alleen gezamenlijk kunnen we zorgen voor het oplossen van uitdagingen.”
Het ministerie wil bij de start van het schooljaar zoveel mogelijk leerlingen daadwerkelijk op hun toegewezen school hebben. Voor de 487 leerlingen die nog niet zijn ingeschreven, blijft het daarmee kort dag.








