De Nationale Assemblée heeft op dinsdag 2 juni 2026 de Wet houdende nadere wijziging van de Begrafeniswet 1959 met 33 algemene stemmen aangenomen. De wetswijziging moet bijdragen aan een respectvolle, ordelijke en hygiënische omgang met overledenen en aan een beter gereguleerd begrafeniswezen in Suriname.
Met de aanpassing wordt de bestaande Begrafeniswet uit 1959 verder gemoderniseerd. Dat is volgens de regering nodig, omdat de samenleving en de praktijk rond begrafenissen, vervoer van stoffelijke overschotten en beheer van begraafplaatsen door de jaren heen zijn veranderd. De wet moet ervoor zorgen dat procedures duidelijker worden vastgelegd en dat instanties, nabestaanden en betrokken dienstverleners weten welke regels gelden.
De aangenomen wijziging wordt gezien als een tussenstap. Tijdens de behandeling in DNA is namelijk duidelijk geworden dat er behoefte bestaat aan een bredere, integrale herziening van de Begrafeniswet. De regering heeft toegezegd dat die volledige wijziging binnen vier maanden aan het parlement zal worden aangeboden.
Brede steun in parlement
Het wetsvoorstel werd op 27 januari 2025 door de regering ingediend. De behandeling lag in handen van de Commissie van Rapporteurs, bestaande uit Iona Edwards als voorzitter, Harriët Ramdien, Ingrid Bouterse-Waldring, Le-Roy Doorson, dr. Marciano Dasai, Dorothy Hoever BA en Dinotha Vorswijk BSc.
NDP-fractieleider Rabindre Parmessar gaf tijdens de behandeling aan dat het wetsvoorstel na constructief overleg brede ondersteuning geniet binnen DNA. Hij zei uit te kijken naar de integrale wijziging die door de regering is toegezegd.
Ook VHP-fractieleider Asiskumar Gajadien wees erop dat tijdens de behandeling duidelijk is geworden dat een volledige herziening van de Begrafeniswet noodzakelijk is. Volgens hem is op basis van de toezegging van de regering besloten om de huidige wijziging goed te keuren.
Integrale wijziging binnen vier maanden verwacht
Regeringscoördinator Marinus Bee verklaarde namens de regering dat de toegezegde integrale wijziging binnen vier maanden aan DNA zal worden aangeboden. Daarmee moet de wetgeving rond het begrafeniswezen verder worden aangepast aan de huidige maatschappelijke en administratieve praktijk.
De aangenomen wetswijziging markeert volgens de regering een belangrijke stap in de modernisering van het begrafeniswezen. Daarbij staat centraal dat overledenen op waardige wijze worden behandeld en dat begraafplaatsen op een verantwoorde manier worden beheerd.












