“Het ministerie wil vanaf eind augustus stapsgewijs overgaan naar de nieuwe loonreeks”, zei minister André Misiekaba van Volksgezondheid, Welzijn en Arbeid woensdag voor de aanvang van de Raad van Ministers.
De minister zei dat er vrijdag gesproken zal worden met de bonden over de invoering van de nieuwe loonreeks. Hij weet dat betere lonen, arbeidsomstandigheden, carrière- en opleidingsmogelijkheden, baanzekerheid en huisvesting belangrijke factoren zijn om verpleegkundigen te behouden. De financiële aantrekkingskracht van Nederland blijft echter groot.
De overbruggingstoelage voor verpleegkundigen was afgesproken tot eind juni 2026 en is tot die datum betaald. Omdat de nieuwe loonreeks nog niet is ingevoerd, bevindt de sector zich in een overgangsfase, waardoor verpleegkundigen al enkele maanden geen overbruggingstoelage hebben ontvangen. De loonreeks is nog niet ingevoerd, dus het ministerie zal verdergaan met de uitbetaling van deze toelage. Momenteel worden de administratieve zaken in orde gemaakt en als dat rond is, zal de uitbetaling plaatsvinden.
Misiekaba installeerde op 16 februari 2026 officieel de werkgroep ‘Nieuwe loonreeks zorgpersoneel’ om te werken aan de nieuwe loonreeks voor de zorgmedewerkers. De werkgroep heeft ongeveer twee maanden geleden het eindrapport ingediend bij de minister. Volgens hem worden nu het rapport en de bijbehorende voorstellen technisch en beleidsmatig bestudeerd.
De bewindsman benadrukte dat het uitgangspunt om een nieuwe loonreeks te introduceren tweeledig is. Het ministerie wil hierbij dat er landelijk een uniform en gelijkgetrokken beloningssysteem is dat dwars door de hele sector loopt. Hierdoor zal scheefgroei tussen zorginstellingen opgeheven worden. Verder zal met deze nieuwe loonreeks het verschil tussen Surinaamse en buitenlandse salarissen verkleind worden. “Door de zorgmedewerkers betere primaire en secundaire voorwaarden te bieden, biedt de regering een reëel tegenwicht tegen brain drain.”









