Mennonieten die zich zonder de vereiste toestemming op drie locaties in het Surinaamse binnenland hebben gevestigd, moeten hun activiteiten beëindigen en vertrekken. De regering heeft hen formeel aangemaand en bereidt verdere maatregelen voor als zij niet vrijwillig vertrekken.
De regering gaat optreden tegen drie locaties waar Mennonieten in Suriname zich volgens het ministerie van Grondbeleid en Bosbeheer zonder de vereiste vergunningen hebben gevestigd. Het gaat om Bantipasi, Albergapasi en Masoniakreek. Minister Stanley Soeropawiro van Grondbeleid en Bosbeheer zegt dat de betrokkenen al op 20 juli 2026 via een deurwaardersexploot zijn aangemaand hun activiteiten te staken en het gebied te verlaten.
De Mennonieten kregen twee weken de gelegenheid om zelf te vertrekken. Die termijn is inmiddels verstreken. Volgens Soeropawiro heeft het ministerie nog geen rapportage ontvangen waaruit blijkt dat de betrokkenen daadwerkelijk bezig zijn hun vestigingen op te breken. De regering wil hen nog ruimte geven om vrijwillig te vertrekken, maar waarschuwt dat daarna verdere maatregelen volgen.
Het ministerie kwam de locaties op het spoor nadat meldingen en geruchten waren binnengekomen over de aanwezigheid van Mennonieten in het binnenland. GBB voerde vervolgens samen met het Nationaal Leger en de Commissie Ordening Kleinschalige Goudsector een missie uit naar vijf locaties waar de groep zou verblijven. Op alle onderzochte plekken werden Mennonieten aangetroffen, maar volgens de minister ontbraken op drie locaties de vereiste toestemmingen voor de uitgevoerde activiteiten.
Mennonieten Suriname aangetroffen in primair bos
Volgens Soeropawiro bevinden de drie locaties zich in gebieden met primair bos. Tijdens de inspecties werd vastgesteld dat er al aanzienlijke ontbossing had plaatsgevonden. De minister stelt dat op sommige plekken arealen van bijna 15 hectare zijn ontbost. Ook werden woningen en containerhuizen geplaatst en vonden er landbouwactiviteiten plaats.
Voor deze werkzaamheden zouden de noodzakelijke vergunningen en toestemmingen ontbreken. De bevindingen van de eerste missie zijn volgens de bewindsman vastgelegd en gerapporteerd. Op basis daarvan volgde op 20 juli een nieuwe overheidsmissie, waarbij de formele aanzegging door een deurwaarder werd uitgebracht.
Overheid dreigt vertrek af te dwingen
“We hebben geen rapportage dat men aanstalten heeft gemaakt om op te breken of om te vertrekken. Dus er gaan dan vervolgmaatregelen komen”, zegt Soeropawiro. Welke maatregelen precies zullen worden genomen, heeft hij nog niet bekendgemaakt. De minister stelt wel duidelijk dat de overheid uiteindelijk het vertrek zal afdwingen als de betrokkenen geen gehoor geven aan de aanmaning.
Volgens de bewindsman is extra optreden noodzakelijk omdat het om primair bos gaat. De kwestie raakt daarmee rechtstreeks aan het regeringsbeleid om het Surinaamse bos zoveel mogelijk te beschermen. Suriname heeft internationaal opnieuw bevestigd dat het ernaar streeft meer dan 90 procent van het nationale bosareaal duurzaam te behouden.
“Als het gaat om het primair bos, dan gaan we dat zeker doen.”
Ook verblijfsvergunningen zouden zijn vervallen
Tijdens de controles bleek volgens Soeropawiro dat de aangetroffen personen wel over verblijfsvergunningen hadden beschikt. Deze documenten zouden inmiddels zijn vervallen. De minister benadrukt tegelijkertijd dat de aanpak niet moet worden gezien als een actie tegen Mennonieten als religieuze of maatschappelijke groep.
Volgens hem draait de kwestie om de naleving van Surinaamse regels. Wie zich in Suriname wil vestigen of economische activiteiten wil ontplooien, moet daarvoor via de bevoegde instanties de benodigde documenten en vergunningen verkrijgen. Dat geldt volgens de minister voor iedere buitenlander en voor iedere investeerder.
Geen uitzonderingspositie voor Mennonieten
De regering heeft de afgelopen maanden vaker benadrukt dat buitenlandse investeerders zich aan de Surinaamse wetgeving moeten houden. Key News berichtte eerder dat de regering harde voorwaarden stelt aan de komst van Mennonieten en andere investeerders. Daarbij werd onder meer gewezen op bescherming van het milieu, verantwoord grondgebruik en de belangen van lokale en tribale gemeenschappen.
De discussie over de komst van Mennonieten speelt al enkele jaren. Hun belangstelling voor grote landbouwgebieden leidde eerder tot zorgen over mogelijke ontbossing en de gevolgen voor woon en leefgebieden in het binnenland. De huidige regering heeft aangegeven landbouwontwikkeling te willen stimuleren, maar wil voorkomen dat daarvoor grote gebieden met primair bos worden gekapt.
Landbouw moet volgens minister op geschikte gronden
Soeropawiro zegt dat Suriname beschikt over voldoende regels voor bosbeheer, domeingrond en bescherming van het milieu. Personen of ondernemingen die landbouwactiviteiten willen ontwikkelen, moeten daarom eerst laten beoordelen of het gekozen gebied daarvoor geschikt is en of de geplande activiteit binnen de geldende regels kan worden uitgevoerd.
Volgens de minister zijn er bovendien landbouwmogelijkheden in de kustvlakte en in andere gebieden waar geen primair bos hoeft te worden verwijderd. Bij toekomstige aanvragen wil de overheid daarom nadrukkelijk bekijken waar landbouw verantwoord kan plaatsvinden voordat toestemming wordt gegeven.
Bescherming bos bepaalt verdere aanpak
De drie illegale vestigingen bij Bantipasi, Albergapasi en Masoniakreek vormen daarmee een eerste concrete test voor de strengere regeringslijn rond de bescherming van het binnenland. De overheid zal moeten bepalen wanneer de periode voor vrijwillig vertrek definitief voorbij is en hoe eventuele gedwongen verwijdering zal worden uitgevoerd.
De zaak blijft daarnaast vragen oproepen over toezicht op vestiging, grondgebruik en ontbossing in afgelegen gebieden. De aangekondigde vervolgstappen zullen moeten uitwijzen hoe streng de regering haar beleid rond Mennonieten in Suriname, illegale ontbossing en bescherming van primair bos in de praktijk zal handhaven.








