“Er kan een prijzenoorlog beginnen en de prijzen kunnen omhoog schieten”, zei minister Patrick Brunings van Olie, Gas en Milieu (OGM) woensdag voor de aanvang van de Raad van Ministers over een mogelijke schaarste aan brandstof door de oorlog in Iran.
Brunings legde uit dat de samenleving voor een deel voorzien wordt van diesel door Staatsolie, maar een deel wordt ook geëxporteerd. Volgens hem zullen er strategische besluiten genomen moeten worden, als er een schaarste optreedt van diesel. Verder importeert SOL ook diesel, dus vooralsnog is er geen sprake van schaarste. Hij zei verder dat de presidentiële werkgroep de situatie nauwlettend volgt en dat er alles gedaan zal worden om de samenleving in bescherming te nemen.
De minister zei dat de komende weken heel cruciaal zullen worden als het gaat om de aanlevering van brandstof. De laatste schepen, die langs de straat van Hormuz zijn gegaan, komen nu pas aan bij hun bestemming. “Als de oorlog voortduurt, zal dat een enorme druk hebben op de voorraden.”
Bepaalde kwetsbare landen hebben een strategische voorraad die nu ook aan het slinken is. “De druk zal te voelen zijn in alle landen en dus ook in Suriname, omdat wij ook benzine importeren.” Brunings zegt dat vooralsnog Suriname bespaard is gebleven van de zware effecten van de oorlog tussen Iran en Israël, maar hij benadrukt dat er zuinig omgegaan moet worden met brandstof. “Op een gegeven moment gaan we kijken hoe we brandstof moeten besparen.”
De regering subsidieert voorlopig de brandstofprijzen, waardoor de tarieven niet fors zijn gestegen. Maar dit is een maatregel in de verwachting dat de oorlog van korte duur zou zijn. “Als de oorlog langer duurt, gaan we de subsidie niet kunnen handhaven”, deelt Bruinings mee. Volgens hem zal dit het land veel geld kosten; er zullen andere maatregelen getroffen moeten worden. “Hopelijk doet dat geen pijn”, aldus de minister.


