Minister Dirk Currie van Onderwijs, Wetenschap en Cultuur (OWC) pleit voor een gerichte aanpak om jongeren die in aanraking komen met justitie, succesvol terug te begeleiden naar de samenleving. In dat kader bracht de bewindsman op vrijdag 3 juli 2026 een oriëntatiebezoek aan het Jeugddoorgangscentrum Opa Doeli.
Het bezoek volgde naar aanleiding van de aanhouding van vier scholieren van het Arthur A. Hoogendoorn Atheneum (AAHA) op woensdag 24 juni. De jongeren werden aangehouden in verband met het met behulp van kunstmatige intelligentie vervaardigen en verspreiden van pornografisch beeldmateriaal van medeleerlingen. Inmiddels zijn zij weer op vrije voeten, maar de zaak heeft nog steeds de volle aandacht van het ministerie.
Minister Currie gaf eerder al aan voorstander te zijn van een brede aanpak, waarbij niet alleen wordt gekeken naar straf, maar ook naar bewustwording en begeleiding. Volgens hem is het noodzakelijk dat jongeren beter worden voorgelicht over het gebruik en de risico’s van kunstmatige intelligentie. Kort na het incident voerde hij ook overleg met de leiding van de school.
“Ik heb van de gelegenheid gebruikgemaakt om ook met de leiding van Opa Doeli te praten”, zegt Currie tegenover de Communicatie Dienst Suriname. De minister heeft inmiddels ook overleg gevoerd met minister Harish Monorath van Justitie en Politie. Volgens Currie is het de bedoeling dat er binnenkort een gesprek plaatsvindt met onderwijsdeskundigen en de leiding van het correctiecentrum om te bekijken hoe jongeren in detentie onderwijs kunnen blijven volgen.
De bewindsman benadrukt dat onderwijs een belangrijke rol speelt in het resocialisatieproces. Daarbij moet volgens hem ook worden nagegaan hoe jongeren na hun straf goed kunnen worden opgevangen en begeleid bij hun terugkeer in de maatschappij. “Want uiteindelijk wil je dat ze na hun straf ook goed weer worden opgevangen in die samenleving”, aldus Currie.
Over het gesprek met de schoolleiding van het AAHA zegt de minister dat de directie zorgvuldig afweegt hoe de betrokken leerlingen weer in het onderwijsproces kunnen worden opgenomen. Volgens Currie moet worden voorkomen dat jongeren voor de rest van hun leven worden afgerekend op één ernstige fout. “Want je wil ze uiteindelijk niet hun leven lang straffen voor een fout”, stelt hij.








