De ontwerp-Levensmiddelenwet 2026 roept bij verschillende ministeries vragen op over de verdeling van bevoegdheden, de uitvoerbaarheid en de gevolgen voor bestaande overheidsinstanties.
Tijdens een overleg met de Commissie van Rapporteurs (CvR) van De Nationale Assemblée (DNA) op maandag 26 oktober hebben drie ministers verschillende knelpunten in het wetsvoorstel naar voren gebracht. Vooral de mogelijke overlapping van taken tussen overheidsinstellingen en de overheveling van inspecteurs zorgen voor discussie.
De commissie besprak het wetsvoorstel met minister André Misiekaba van Volksgezondheid, Welzijn en Arbeid, minister Mike Noersaliem van Landbouw, Veeteelt en Visserij en minister Andrew Baasaron van Economische Zaken, Ondernemerschap en Technologische Innovatie. Ook de technische deskundigen van de drie ministeries namen deel aan het overleg.
De ontwerpwet moet de voedselveiligheid in Suriname versterken door duidelijke regels vast te stellen voor de kwaliteit, veiligheid en controle van levensmiddelen. Voordat het voorstel in een openbare vergadering van het parlement wordt behandeld, moeten volgens de betrokken bewindslieden echter nog verschillende vraagstukken worden opgehelderd.
Onduidelijkheid over bevoegdheden voedselcontrole
Minister Baasaron wees op mogelijke overlappingen tussen de bevoegdheden van het op te richten Nationaal Instituut voor Voedselveiligheid (NIVS) en bestaande instanties.
Volgens het wetsvoorstel zou het NIVS onder meer verantwoordelijk worden voor technische voorschriften met betrekking tot de etikettering van levensmiddelen. Het Surinaams Standaarden Bureau (SSB) heeft momenteel echter al bevoegdheden op dit terrein.
Hierdoor bestaat onduidelijkheid over welke instantie uiteindelijk verantwoordelijk wordt voor het vaststellen en handhaven van bepaalde voorschriften. Een heldere taakverdeling is volgens de bespreking noodzakelijk om problemen bij de uitvoering van de wet te voorkomen.
Misiekaba vreest personeelstekort bij BOG
Ook minister Misiekaba plaatste kanttekeningen bij onderdelen van het wetsvoorstel. Zijn bezwaren richten zich onder meer op de voorgenomen overheveling van milieu-inspecteurs van het Bureau voor Openbare Gezondheidszorg (BOG) naar het nieuw voedselveiligheidsinstituut.
Volgens de bewindsman worden deze inspecteurs momenteel voor meerdere werkzaamheden ingezet en beperken hun taken zich niet uitsluitend tot inspecties. Wanneer zij worden overgeplaatst naar het NIVS, kan dit gevolgen hebben voor de personeelsbezetting en de uitvoering van andere werkzaamheden binnen het BOG.
Misiekaba vroeg daarnaast aandacht voor de omschrijving van de doelstellingen en bevoegdheden van het voorgestelde overlegorgaan. Volgens hem zijn deze te ruim geformuleerd, waardoor onvoldoende duidelijk is welke verantwoordelijkheden het orgaan precies krijgt.
Vragen over invloed bedrijfsleven
Tijdens de vergadering kwam ook de betrokkenheid van de particuliere sector bij de besluitvorming over voedselveiligheid aan de orde.
Commissieleden Cheryl Dijksteel en Silvana Afonsoewa stelden vragen over de invloed die vertegenwoordigers van het bedrijfsleven binnen de voorgestelde raad zouden krijgen.
Daarnaast wilde commissielid Ronny Asabina weten hoe de samenwerking en afstemming tussen de drie betrokken ministeries worden georganiseerd.
Hoewel het wetsvoorstel voorziet in overleg tussen de verantwoordelijke ministers, kwam tijdens de commissievergadering naar voren dat een dergelijk gezamenlijk overleg nog niet had plaatsgevonden.
Parlement wil duidelijkheid vóór openbare behandeling
Commissievoorzitter Raymond Sapoen gaf bij aanvang van de vergadering een overzicht van de opmerkingen en aanbevelingen die verschillende belanghebbenden de afgelopen jaren over het wetsvoorstel hebben ingediend.
De bespreking met de ministers maakt deel uit van de voorbereidingen op de verdere parlementaire behandeling van de ontwerp-Levensmiddelenwet 2026.
Naast Sapoen waren de commissieleden Cheryl Dijksteel, Silvana Afonsoewa, Ronny Asabina, Wedprekash Joeloemsingh en Mohamed Fatemahomed aanwezig. Ingrid Karta-Bink, Ameerani Jarbandhan en Ebu Jones woonden de vergadering als toehoorders bij.
De verdere behandeling moet duidelijk maken hoe de gesignaleerde overlappingen, onduidelijke bevoegdheden en praktische uitvoeringsproblemen worden aangepakt.
Met de nieuwe wet wordt beoogd het toezicht op levensmiddelen in Suriname te versterken. De discussie in het parlement laat echter zien dat er nog vragen bestaan over de inrichting van het toezicht en de gevolgen daarvan voor bestaande overheidsdiensten.








