Newmont Suriname stelt dat de Merian-goudmijn in 2025 voor ongeveer US$ 634 miljoen heeft bijgedragen aan de Surinaamse economie. Volgens het bedrijf betekende dit een stijging van 17 procent ten opzichte van 2024. Ongeveer driekwart van de door Merian gegenereerde economische bijdrage zou in Suriname zijn gebleven.
De bijdrage bestaat volgens Newmont onder meer uit betalingen aan lokale en andere leveranciers, belastingen, royalty’s, salarissen en het winstaandeel van Staatsolie.
Van het totale bedrag ging volgens het bedrijf US$ 345 miljoen naar leveranciers en contractors. Daarnaast werd US$ 84 miljoen toegerekend aan het netto winstaandeel van Staatsolie, US$ 79 miljoen aan inkomsten- en loonbelasting, US$ 78 miljoen aan salarissen van medewerkers en US$ 48 miljoen aan royalty’s.
Newmont zegt dat de economische bijdrage van de Merian-mijn niet alleen zichtbaar is in overheidsinkomsten, maar ook in werkgelegenheid en opdrachten voor Surinaamse ondernemingen.
Meer dan 300 Surinaamse leveranciers
In 2025 maakten volgens Newmont 308 Surinaamse leveranciers en contractors deel uit van de toeleveringsketen van de goudmijn.
Het bedrijf noemt de samenwerking met lokale ondernemingen een belangrijk onderdeel van de economische impact van Merian.
De mijn biedt momenteel werk aan ongeveer 1.277 personen. Newmont zegt daarnaast te investeren in opleidingen en verdere professionele ontwikkeling van werknemers.
Ook de samenwerking met Staatsolie Maatschappij Suriname wordt door het bedrijf genoemd als een belangrijk onderdeel van zijn activiteiten in het land. Staatsolie heeft via de samenwerking een financieel belang bij de Merian-operatie.
Aandacht voor gemeenschappen en kleinschalige mijnbouw
Newmont stelt verder dat het bij zijn activiteiten aandacht blijft besteden aan overleg met Inheemse en Tribale gemeenschappen. Daarbij verwijst het bedrijf naar de principes van Free, Prior and Informed Consent (FPIC), waarbij voorafgaande en geïnformeerde betrokkenheid van gemeenschappen centraal staat.
Daarnaast werkt het bedrijf verder aan zijn strategie voor Artisanal and Small-scale Mining (ASM), oftewel kleinschalige mijnbouw.
Volgens Newmont wordt daarbij ingezet op veiligere mijnbouwpraktijken, technische ondersteuning, capaciteitsopbouw, alternatieve inkomstenbronnen en vermindering van het gebruik van kwik.
Het bedrijf zegt ook mogelijkheden te blijven onderzoeken om kleinschalige mijnbouwactiviteiten verder te formaliseren binnen de Surinaamse wet- en regelgeving.
Merian voorlopig tot 2040 in productie
De levensduur van de Merian-mijn wordt momenteel voorzien tot 2040. Newmont sluit niet uit dat aanvullende ontwikkelingen de levensduur van de operatie verder kunnen verlengen.
Later dit jaar bereikt Merian tien jaar commerciële productie.
Newmont zegt de komende jaren te willen blijven samenwerken met de Surinaamse overheid, gemeenschappen, traditionele gezagsdragers en bedrijven om de economische en maatschappelijke bijdrage van de mijn voort te zetten.








