De melding over de verdwijning van vier kilo goud uit de kluis van Grassalco raakt aan meer dan alleen een vermogenskwestie. Het legt vooral bloot hoe verantwoordelijkheid, toezicht en aandeelhouderschap functioneren bij staatsbedrijven wanneer er druk ontstaat en snelle, duidelijke besluiten nodig zijn.
De verdwijning van vier kilo goud uit de kluis van Grassalco is geen kwestie die ruimte laat voor relativering, uitstel of persoonlijke interpretatie. Het gaat om een ernstige aantasting van staatsbezit.
Wat deze zaak extra vreemd maakt, is niet alleen het goud dat verdween, maar het bestuurlijk kompas dat op meerdere niveaus ontbrak: bij de directie, de Raad van Commissarissen (RvC) en de aandeelhouder, de Staat Suriname, vertegenwoordigd door de regering en de president.
Juist bij een staatsbedrijf zouden procedures, toezicht en escalatielijnen helder moeten zijn. Wanneer dat niet zo is, ontstaat de indruk dat niet het publieke belang, maar posities en verhoudingen leidend worden.
De directeur: verantwoordelijkheid en communicatie
Directeur Wesley Rozenhout verklaarde in een interview dat hij de president pas informeerde nadat hij een intern onderzoek had afgerond. Ook stelde hij dat hij niet verantwoordelijk is voor de dagelijkse operationele werkzaamheden en dat hij geen reden ziet om op te stappen als eindverantwoordelijke van het bedrijf (bronvermelding: Starnieuws).
Parlementariër Raymond Sapoen is het daar niet mee eens. Hij vindt dat de directeur wél op non-actief had moeten worden gesteld en noemt zowel de vertraging als de publieke houding van de directeur onaanvaardbaar.
Hier ontstaat een duidelijke spanning: waar de directeur meent zijn positie te kunnen handhaven, vinden externe waarnemers en ervaren politici dat terugtreden of schorsing juist passend was (bronvermelding: Key News).
De raad van commissarissen: toezicht en tempo
De RvC speelt een cruciale rol in toezicht. In een goed functionerende governance-structuur grijpt zij in bij signalen van risico of schending.
In dit geval werd echter zichtbaar dat maatregelen pas laat op gang kwamen:
- De RvC nam pas na maanden, en pas na publieke en politieke druk, zichtbare stappen.
- Er werd getalmd met het op non-actief stellen van de directeur.
Die passiviteit is bestuurlijk moeilijk verdedigbaar. Toezicht verliest zijn betekenis wanneer het pas reageert nadat de schade al politiek en maatschappelijk is geëscaleerd.
De aandeelhouder: macht die niet is ingezet
De feitelijke aandeelhouder is de Staat Suriname. In een zaak als deze zouden de uitgangspunten van goed bestuur leidend moeten zijn:
- Staatsbezit moet worden beschermd.
- Het belang van burgers mag niet ondergeschikt raken aan partijpolitieke loyaliteiten.
- Er moet een duidelijk signaal uitgaan naar staatsbedrijven dat nalatigheid niet wordt getolereerd.
Toch bleef een tijdige, krachtige reactie uit. Dat roept de kernvraag op: beschermt men het bedrijf en het staatsbelang, of vooral politieke en persoonlijke posities? (bronvermelding: Waterkant)
Wat hier zichtbaar wordt, is geen los incident, maar een bestuurscultuur waarin politieke rust zwaarder weegt dan publieke verantwoordelijkheid.
Bestuurlijke schade groter dan goudverlies
De schade van deze kwestie reikt verder dan vier kilo goud. Het signaal dat kan blijven hangen, is dat bij staatsbedrijven niemand echt ingrijpt wanneer het spannend wordt. Dat bestuurders zelf bepalen wanneer zij verantwoording afleggen. Dat toezichthouders mogen talmen. En dat de aandeelhouder toekijkt.
Oproep aan politieke leiders
Aan de politieke leiding van dit land: dit dossier vraagt niet om relativering of stilzwijgen, maar om leiderschap. Wie vandaag nalaat in te grijpen, rechtvaardigt morgen het volgende schandaal.
De vraag is niet of u bevoegd was om op te treden — die bevoegdheid was er. De vraag is waarom zij niet is gebruikt.
Conclusie: in wiens belang wordt Grassalco bestuurd?
Wanneer een directeur publiekelijk aangeeft niet te zien waarom hij zou moeten opstappen, wanneer parlementariërs zoals Raymond Sapoen stellen dat schorsing noodzakelijk was, wanneer de RvC maanden afwacht, en wanneer de aandeelhouder — de Staat — niet tijdig zijn rol pakt, dan ontstaat de indruk dat niet het publieke belang vooropstaat.
Dan beschermt men posities, relaties en coalitiepolitiek. En precies daarom is dit de vraag die elke Surinamer zich vandaag mag stellen:
In wiens belang wordt Grassalco eigenlijk bestuurd?








