De voormalige operationsdirecteur van Food and Agriculture Industries (FAI) NV, Nitesh Ramlakhan, is donderdag 5 november 2026 veroordeeld tot drie jaar gevangenisstraf, waarvan één jaar voorwaardelijk. De kantonrechter acht bewezen dat hij zich schuldig heeft gemaakt aan verduistering en valsheid in geschrifte.
De veroordeling volgt bijna elf maanden na zijn aanhouding, die plaatsvond tijdens een ernstige financiële crisis bij het staatsbedrijf. Destijds konden honderden werknemers hun salaris niet ontvangen en maakte de regering melding van een schuldenlast van ongeveer SRD 22 miljoen.
Ramlakhan werd schuldig bevonden aan alle drie de strafbare feiten die hem ten laste waren gelegd: medeplegen van gekwalificeerde verduistering, medeplegen van valsheid in geschrifte en medeplegen van het gebruik, afleveren of voorhanden hebben van vervalste documenten.
Van de opgelegde gevangenisstraf is één jaar voorwaardelijk, met een proeftijd van twee jaar. Het voorarrest wordt in mindering gebracht op de straf en het bevel tot gevangenhouding blijft gehandhaafd. Het Openbaar Ministerie (OM) had vier jaar onvoorwaardelijke gevangenisstraf geëist.
Bedrijfsauto met FAI-geld gekocht, maar op eigen naam gezet
Volgens de kantonrechter is bewezen dat Ramlakhan een voertuig dat met financiële middelen van FAI was aangeschaft, opzettelijk in zijn bezit heeft gehouden. Bij de aankoop via Car Center liet hij onbevoegd zijn eigen naam opnemen in de huurkoopovereenkomst in plaats van die van het bedrijf.
De rechter stelde vast dat het voertuig eigendom was van FAI en dat de onderneming door het handelen van de voormalige directeur financiële schade heeft geleden.
De kwestie rond de bedrijfsauto kwam al in december 2025 naar buiten. In een eerdere publicatie van Key News verklaarde minister Mike Noersalim van Landbouw, Veeteelt en Visserij (LVV) dat bedrijfsmiddelen waren gebruikt voor de aanschaf van een voertuig, terwijl volgens hem de noodzakelijke documentatie ontbrak.
Vervalste schadeclaims voor bacoven
De strafzaak draaide daarnaast om onrechtmatig opgestelde schadeclaims en een interne memo waarmee een afnemer van FAI werd bevoordeeld. De rechter acht bewezen dat Ramlakhan documenten heeft opgesteld die niet op waarheid berustten en dat hij misbruik maakte van zijn functie om onterecht schadeclaims uit te keren.
Tijdens de behandeling van de strafzaak in april 2026 stelde officier van justitie Rashmi Chotkoe dat Ramlakhan bedrijfsprocessen had gemanipuleerd en de interne controle had omzeild.
Volgens de vervolging werden onder meer fictieve foto’s gebruikt ter onderbouwing van schadeclaims voor bacoven die niet meer bruikbaar zouden zijn. Ook zou een tweede claim zijn ingediend voor 1.500 beschadigde bacoven, zonder deugdelijke onderbouwing.
Het OM stelde destijds dat Ramlakhan tegelijkertijd als initiatiefnemer, goedkeurder en uitvoerder optrad, waardoor interne controlemechanismen buiten werking werden gesteld.
Aanhouding tijdens financiële crisis bij FAI
De aanhouding van Ramlakhan in december 2025 vond plaats tegen de achtergrond van grote financiële problemen bij het staatsbedrijf.
Key News berichtte op 7 december 2025 dat de toenmalige operationsdirecteur was aangehouden en in verzekering gesteld op verdenking van financiële malversaties.
Minister Noersalim verklaarde destijds dat FAI ongeveer SRD 22 miljoen aan schulden had, waarvan SRD 8,5 miljoen bij de Hakrinbank. Volgens de bewindsman was het bedrijf niet in staat zelfstandig aan zijn financiële verplichtingen te voldoen.
Ook uitte de minister kritiek op de salariëring van de directieleden. Van een totale maandelijkse loonsom van ongeveer SRD 8 miljoen zou volgens hem ruim SRD 1 miljoen naar directieleden zijn gegaan. Daarnaast zouden salarisverhogingen zijn doorgevoerd zonder de voorgeschreven procedures te volgen.
Noersalim maakte eveneens bekend dat aangifte was gedaan tegen zowel de algemeen directeur als de operationsdirecteur. Beiden waren eerder op non-actief gesteld.
Deze beschuldigingen maakten deel uit van de bredere discussie over het financiële beheer van FAI. Uit de bekendgemaakte rechterlijke uitspraak blijkt niet dat al deze afzonderlijke kwesties onderdeel waren van de bewezenverklaring tegen Ramlakhan.
Honderden werknemers zonder salaris
De financiële problemen hadden directe gevolgen voor het personeel. Op 8 december 2025 legden werknemers van FAI het werk neer, omdat hun salaris over november nog niet was uitbetaald.
Bondsvoorzitter Rodney Cabenda verklaarde destijds dat werknemers hun financiële verplichtingen niet meer konden nakomen. Ook waren er volgens de bond problemen met pensioenafdrachten en andere administratieve verplichtingen.
De werknemers eisten niet alleen uitbetaling van achterstallige salarissen, maar ook veranderingen binnen de directie.
Een dag later verklaarde Noersalim tegenover Key News dat ongeveer SRD 12 miljoen nodig was om de salarissen over november en december te kunnen betalen. De regering zocht naar financiële middelen om de acute problemen op te lossen.
Doorlichting bracht meer problemen aan het licht
De financiële crisis leidde tot een bredere doorlichting van het staatsbedrijf. Al in oktober 2025 had Noersalim een nieuwe Raad van Commissarissen bij FAI geïnstalleerd, met onder meer de opdracht om het financiële beheer en de bedrijfsvoering te onderzoeken.
Uit die doorlichting kwamen volgens de minister verschillende onregelmatigheden naar voren. Zo zouden bedrijfseigendommen beneden de marktwaarde zijn verkocht en zouden directieleden hogere vergoedingen hebben ontvangen dan contractueel was vastgelegd.
In een publicatie van 10 december 2025 berichtte Key News dat de regering in de voorafgaande vijf jaar volgens Noersalim ruim SRD 200 miljoen aan subsidies in FAI had gestoken.
De minister benadrukte dat de overheid niet onbeperkt financiële tekorten kon blijven aanvullen en dat structurele maatregelen noodzakelijk waren om het bedrijf gezond te maken.
De bredere financiële problemen van FAI vormden de achtergrond van de strafzaak, maar de rechterlijke bewezenverklaring tegen Ramlakhan heeft specifiek betrekking op de verduistering van het voertuig en de vervalste documenten en schadeclaims.
Verdediging vroeg volledige vrijspraak
De advocaat van Ramlakhan, Murwin Dubois, had tijdens de rechtszaak volledige vrijspraak gevraagd. Volgens de verdediging ontbrak wettig en overtuigend bewijs voor de ten laste gelegde feiten.
De kantonrechter ging daar niet in mee. Bij de beoordeling werden onder meer de verklaringen van Ramlakhan bij de politie en tijdens de terechtzitting betrokken, evenals getuigenverklaringen.
De rechter achtte daarmee alle drie de strafbare feiten bewezen, maar legde een lagere straf op dan de vier jaar onvoorwaardelijke gevangenisstraf die het OM had geëist.
Ook bepaalde de rechter dat de in beslag genomen goederen worden teruggegeven aan de rechtmatige eigenaren. Daaronder vallen een voertuig dat aan FAI moet worden teruggegeven en twee mobiele telefoons van Ramlakhan.
Met het vonnis is in eerste aanleg een uitspraak gedaan in de strafzaak tegen de voormalige operationsdirecteur. Of tegen de veroordeling hoger beroep zal worden ingesteld, is vooralsnog niet bekend.

















