Acht verdachten in de strafzaak rond de vermiste mannen zijn door de kantonrechter veroordeeld tot gevangenisstraffen van twee tot zes jaar. De rechter acht deelname aan een criminele organisatie en drugsdelicten bewezen.
De strafzaak rond de vermiste mannen heeft op 12 augustus 2026 geleid tot veroordelingen van acht verdachten. S.S. en D.B. kregen elk zes jaar gevangenisstraf, met aftrek van de tijd die zij in voorarrest hebben doorgebracht. Daarnaast legde de rechter hun een geldboete van SRD 50.000 op. Bij niet-betaling kan die boete worden vervangen door elf maanden hechtenis.
G.S., H.K., R.T. en R.K. zijn ieder veroordeeld tot drie jaar gevangenisstraf, eveneens met aftrek van het voorarrest. Zij moeten daarnaast ieder SRD 20.000 betalen. Als de boete niet wordt betaald, kan vijf maanden vervangende hechtenis volgen. L.P. en M.M. kregen ieder twee jaar gevangenisstraf en een boete van SRD 10.000, te vervangen door drie maanden hechtenis.
In deze fase van de strafzaak stonden negen verdachten terecht. Tegen A.K. kwam geen inhoudelijk vonnis meer. Het Openbaar Ministerie werd in zijn zaak op grond van artikel 95 van het Wetboek van Strafrecht niet ontvankelijk verklaard, omdat A.K. tijdens zijn detentie is overleden. De rechter besliste daarnaast dat enkele in beslag genomen goederen verbeurd worden verklaard.
Bewijs volgens de kantonrechter
Volgens de kantonrechter blijkt uit het dossier en de verklaringen van de verdachten dat zij betrokken waren bij een criminele organisatie en bij overtredingen van de Wet Verdovende Middelen. De rechter wees daarbij in het bijzonder op verklaringen van S.S., die volgens het vonnis gedetailleerd waren en op belangrijke onderdelen steun vonden in verklaringen van medeverdachten.
Uit verschillende verklaringen zou verder blijken dat de verdachten op de hoogte waren van de aanwezigheid van drugs en dat zij assistentie hebben verleend bij het laden en lossen. Voor S.S. en D.B. achtte de rechter ook overtreding van de Vuurwapenwet bewezen. De veroordelingen hebben daarmee betrekking op meerdere feiten die het OM aan de verdachten had voorgelegd.
De rechter achtte bewezen dat meerdere verdachten wisten van de drugs en hielpen bij het laden en lossen.
Waarvan werden de verdachten beschuldigd?
De verdachten werden vervolgd voor deelname aan een criminele organisatie, voorbereidingshandelingen in verband met de Wet Verdovende Middelen en de uitvoer van cocaïne of een poging daartoe. Als alternatief was hun het aanwezig hebben van cocaïne ten laste gelegd. Voor enkele verdachten speelde daarnaast de Vuurwapenwet een rol.
De verdediging had tijdens de behandeling van de zaak op vrijspraak aangedrongen. De raadsman van S.S. vroeg om integrale vrijspraak. Mocht de rechter tot een ander oordeel komen, dan verzocht hij om een straf die passend en geboden zou zijn. De advocaten van de overige verdachten stelden dat er onvoldoende bewijs was en vroegen eveneens om vrijspraak van de gehele tenlastelegging.
OM eiste hogere gevangenisstraffen
Het Openbaar Ministerie had tegen S.S. en D.B. een gevangenisstraf van acht jaar geëist, naast een boete van SRD 50.000 en een bevel tot gevangenhouding. Ook vroeg het OM om onder meer in beslag genomen vuurwapens, voertuigen, documenten en kaartmateriaal verbeurd te verklaren. De rechter kwam uiteindelijk tot zes jaar gevangenisstraf voor beide verdachten.
Voor G.S., H.K., R.T. en R.K. eiste het OM ieder vijf jaar gevangenisstraf en een boete van SRD 20.000. Zij kregen uiteindelijk ieder drie jaar. Tegen L.P. en M.M. werd drie jaar en zes maanden geëist, met daarnaast een boete van SRD 10.000. De kantonrechter legde hen ieder twee jaar gevangenisstraf op.
Vermiste mannen sinds mei 2024 spoorloos
De strafzaak houdt verband met de vermissing van twee mannen die sinds 25 mei 2024 spoorloos zijn. Key News schreef eerder over de vermissing en de strafzaak. Het gaat om de zakenpartners Eddy Salimin Koenawi, ook bekend als Alex, en Mohamed Shamier Hohmarow, ook bekend als Sam.
In eerdere berichtgeving werd de verdwijning ook in verband gebracht met een grotere drugszaak, waarbij in mei 2024 een partij van ongeveer 1.400 kilo cocaïne door Frans-Guyanese opsporingsdiensten zou zijn onderschept. De huidige veroordelingen hebben betrekking op de criminele organisatie, drugsdelicten en voor twee verdachten ook de Vuurwapenwet. Het vonnis geeft geen antwoord op de vraag wat er met de vermiste mannen is gebeurd.
Strafzaak vermiste mannen langdurig behandeld
Het Hof van Justitie meldde eerder over de behandeling van de strafzaak dat de verdachten onder meer terechtstonden voor deelname aan een criminele organisatie, voorbereidingshandelingen voor drugsdelicten, de uitvoer van cocaïne of een poging daartoe en overtreding van de Vuurwapenwet.
Tijdens het proces drong de verdediging op meerdere momenten aan op vrijspraak en opheffing of opschorting van de voorlopige hechtenis. De kantonrechter wees dergelijke verzoeken eerder af. Uiteindelijk volgden voor acht verdachten gevangenisstraffen die lager uitvielen dan de straffen die het Openbaar Ministerie had geëist.
Lot van vermiste mannen blijft onduidelijk
Met het vonnis van 12 augustus is voor acht verdachten in eerste aanleg duidelijkheid gekomen over hun strafrechtelijke positie. Voor de nabestaanden en andere betrokkenen blijft echter een belangrijke vraag onbeantwoord. De twee vermiste mannen zijn sinds mei 2024 niet teruggevonden en uit het vonnis blijkt niet wat er met hen is gebeurd.
De strafrechtelijke veroordelingen sluiten daarmee een belangrijk onderdeel van het omvangrijke dossier af, maar niet de onzekerheid rond de vermissing zelf. Eventuele verdere ontwikkelingen rond het onderzoek naar het lot van beide mannen zullen moeten uitwijzen of daar alsnog duidelijkheid over komt.











