De Pan-Amerikaanse Gezondheidsorganisatie (PAHO) heeft een nieuwe toolkit gelanceerd om pesten en cyberpesten onder kinderen en jongeren in Noord-, Midden- en Zuid-Amerika en het Caribisch gebied tegen te gaan. Volgens de organisatie krijgt ongeveer één op de vier jongeren tussen 13 en 17 jaar in Latijns-Amerika en het Caribisch gebied te maken met pesten op school.
De toolkit, What Works to Prevent Bullying and Cyberbullying of Children and Adolescents in the Americas, bundelt wetenschappelijke inzichten, aanbevelingen en praktische instrumenten voor het voorkomen en aanpakken van pesten.
PAHO wijst erop dat pesten niet alleen een probleem binnen het onderwijs is, maar ook grote gevolgen kan hebben voor de lichamelijke en geestelijke gezondheid van kinderen en jongeren.
Volgens Britta Baer, regionaal adviseur van PAHO op het gebied van geweld- en letselpreventie, kan pesten leiden tot ernstige gevolgen voor de fysieke, mentale en emotionele gezondheid.
Zij benadrukt echter dat pesten kan worden voorkomen en dat inmiddels voldoende kennis beschikbaar is over maatregelen die effectief kunnen zijn.
Een op vier jongeren slachtoffer
Uit gegevens die in de toolkit zijn opgenomen blijkt dat ongeveer een kwart van de jongeren tussen 13 en 17 jaar in Latijns-Amerika en het Caribisch gebied aangeeft in de voorafgaande maand op school te zijn gepest.
De percentages verschillen per gebied. In Midden-Amerika gaat het om ongeveer 23 procent van de leerlingen, terwijl dit in Zuid-Amerika rond de 30 procent ligt.
Pesten kan verschillende vormen aannemen, waaronder fysiek, verbaal, seksueel en sociaal pestgedrag. Volgens PAHO komt fysiek pesten vaker voor onder jongens, terwijl meisjes relatief vaker te maken krijgen met sociale en seksuele vormen van pestgedrag.
Cyberpesten steeds groter probleem
Ook cyberpesten vormt volgens PAHO een groeiend probleem. Daarbij worden kinderen en jongeren via sociale media, berichtendiensten, onlinegames, forums en andere digitale platforms lastiggevallen, bedreigd of vernederd.
In sommige landen in de regio geeft tussen de 7 en 27 procent van de kinderen en jongeren aan in het afgelopen jaar slachtoffer te zijn geweest van cyberpesten. Het probleem komt volgens de organisatie vaker voor onder meisjes.
Cyberpesten kan extra ingrijpend zijn omdat het op ieder moment van de dag kan plaatsvinden en informatie zich online snel onder een groot publiek kan verspreiden. Ook anonimiteit van de dader en het feit dat schadelijke berichten of beelden online kunnen blijven circuleren, kunnen de impact vergroten.
PAHO benadrukt dat cyberpesten vaak samenhangt met geweld en pestgedrag dat ook buiten het internet plaatsvindt.
Gevolgen voor gezondheid
Pesten en cyberpesten worden in verband gebracht met onder meer depressie, angst, traumatische stress, sociale isolatie en slaapproblemen.
Ook kunnen slachtoffers een groter risico lopen op zelfbeschadiging, suïcidale gedachten en pogingen tot zelfdoding. Daarnaast kunnen schoolprestaties en de sociale ontwikkeling van kinderen negatief worden beïnvloed.
PAHO stelt daarom dat de aanpak van pesten niet uitsluitend bij scholen mag liggen. Ook gezondheidsdiensten, gezinnen, overheden en andere maatschappelijke organisaties moeten volgens de organisatie een rol spelen.
Signalen tijdig herkennen
Plotselinge gedragsveranderingen, angst, prikkelbaarheid, sociale terugtrekking, onverklaarbare verwondingen of niet meer naar school willen gaan, kunnen volgens PAHO aanwijzingen zijn dat een kind wordt gepest.
Bij cyberpesten kunnen veranderingen in het gebruik van telefoons en computers eveneens een signaal vormen. Kinderen kunnen bijvoorbeeld plotseling schermen wegklikken wanneer een volwassene in de buurt komt of niet meer over hun onlineactiviteiten willen praten.
PAHO adviseert zorgverleners daarom om tijdens gesprekken met kinderen en jongeren ook aandacht te besteden aan hun ervaringen op school en online.
Daarnaast moeten ouders en verzorgers volgens de organisatie open met kinderen communiceren, letten op mogelijke signalen en duidelijke afspraken maken over veilig en verantwoord gebruik van internet en mobiele apparaten.
PAHO pleit verder voor nauwere samenwerking tussen gezondheidszorg, onderwijs, overheden en digitale platforms om kinderen en jongeren beter tegen zowel offline als online pestgedrag te beschermen.






