President Jennifer Simons heeft aandacht gevraagd voor vormen van geweld tegen kinderen die vaak niet worden geregistreerd, omdat de gevolgen niet direct zichtbaar zijn. Zij deed dat dinsdag 9 juni 2026 tijdens de opening van de themadag ‘Geweld tegen kinderen in Suriname’ in de ballroom van het Lalla Rookh-gebouw.
De bijeenkomst werd georganiseerd door Stichting Projekta en sluit aan op eerdere sessies rond de bevindingen van een nationaal onderzoek uit 2018. Dat onderzoek werd uitgevoerd door de Anton de Kom Universiteit van Suriname, in opdracht van De Nationale Assemblée (DNA) en met ondersteuning van UNICEF.
Volgens president Simons gaat geweld tegen kinderen veel verder dan lichamelijke mishandeling of seksueel misbruik. Zij wees vooral op psychisch geweld, dat volgens haar diepe sporen kan nalaten bij kinderen. Beledigingen, vernederingen en het voortdurend neerzetten van kinderen als “niet waardig” of “niet in staat” kunnen volgens het staatshoofd ernstige schade veroorzaken, ook wanneer die schade van buitenaf niet zichtbaar is.
Simons noemde ook pesten en cyberpesten als zorgwekkende ontwikkelingen. Volgens haar vindt pesten niet langer alleen plaats op school of in de klas, maar ook via sociale media. Vooral meisjes blijken in hun tienerjaren vaker slachtoffer te worden van deze vorm van geweld.
De president benadrukte verder dat veel volwassenen zich onvoldoende bewust zijn van de impact van hun woorden en gedrag op kinderen. Volgens haar gaat het niet altijd om kwade bedoelingen, maar vaak om onbewust handelen. Tegelijkertijd stelde zij dat de samenleving bepaalde vormen van geweld nog te vaak accepteert of als normaal beschouwt.
Bewustwording is volgens Simons daarom een belangrijke eerste stap. Daarbij moeten niet alleen professionals worden betrokken die al met kinderen werken, maar ook andere organisaties en personen die verantwoordelijkheid dragen voor de bescherming en ontwikkeling van kinderen.
Socioloog Julia Terborg onderstreepte tegenover de Communicatie Dienst Suriname dat een duurzame en geïntegreerde aanpak dringend noodzakelijk is. Volgens haar vindt het meeste geweld tegen kinderen plaats binnen het gezin. Daarbij gaat het vooral om lichamelijk en psychisch geweld, maar ook om kinderen die getuige zijn van geweld tussen volwassenen.
Terborg stelde dat de resultaten van het onderzoek uit 2018 nog steeds actueel zijn en dat de situatie op bepaalde punten zelfs is verslechterd. Gewelddadige discipline maakt volgens haar nog altijd deel uit van de opvoeding in Suriname. Wat begint als een corrigerende tik kan volgens de socioloog uitmonden in ernstige mishandeling.
Zij pleit daarom voor geweldloos opvoeden. Volgens Terborg is voldoende bewezen dat opvoeden zonder geweld mogelijk is. Wel hebben ouders daarbij ondersteuning nodig. Economische druk, financiële problemen en sociale uitdagingen zorgen ervoor dat gezinnen onder spanning komen te staan, wat het risico op geweld kan vergroten.
Met het oog op de komende begrotingsbehandeling riep Terborg beleidsmakers op om kinderbescherming hoger op de nationale agenda te plaatsen. Volgens haar is er meer structurele aandacht nodig voor gezinnen, preventie en ondersteuning, zodat kinderen in Suriname veiliger kunnen opgroeien.












