President Jennifer Simons heeft woensdag tijdens het nationale symposium One Heritage Policy 2026 het belang van eenheid, wederzijds respect en kennis van elkaars geschiedenis benadrukt. Volgens het staatshoofd moet de culturele diversiteit van Suriname niet alleen worden gevierd, maar ook worden ingezet om de onderlinge verbondenheid en een gezamenlijke toekomst te versterken.
Het symposium, met als thema ‘Van gedeelde geschiedenis naar duurzaam erfgoedbeleid’, werd gehouden in de Royal Ballroom van Hotel Torarica.
Simons begon haar toespraak met een gedeelte uit een gedicht van de Surinaamse dichter Shrinivási, de schrijversnaam van Martinus Lutchman.
“Ik zou jullie willen binden tot een volk, zonder dat het een sprookje blijft, want in woord zijn we Surinamer, maar in daad nog steeds niet altijd helemaal”, zei de president, waarbij zij het slotgedeelte van het gedicht enigszins aanpaste.
Volgens Simons raakt die boodschap de kern van Heritage Month. Het initiatief moet volgens haar bijdragen aan meer kennis en bewustwording over de verschillende geschiedenissen, culturen en achtergronden binnen de Surinaamse samenleving.
Het kennen van elkaars geschiedenis en het actief met elkaar omgaan, vormen volgens haar belangrijke voorwaarden voor nationale eenheid.
De president vindt het daarom van belang dat verschillende maatschappelijke actoren, waaronder ook de leiding van het land, samenkomen om niet alleen over het Surinaamse erfgoed te praten, maar ook over de toekomst van het land.
Waardering voor Cynthia McLeod
Tijdens het symposium sprak Simons ook haar waardering uit voor schrijfster en historica Cynthia McLeod vanwege haar jarenlange inzet om delen van de Surinaamse geschiedenis vast te leggen en toegankelijk te maken.
McLeod ontving tijdens de bijeenkomst de onderscheiding ‘Wi Gudu – Ons Erfgoed’ van de presidentiële werkgroep Heritage Month. Daarnaast kreeg zij een regalia omgehangen door president Simons en Rachel Pinas, voorzitter van de presidentiële werkgroep Heritage Month 2026.
Diversiteit alleen is niet genoeg
Volgens Simons moet Heritage Month niet als een eenmalige activiteit worden gezien. Zij ziet mogelijkheden om de viering in de toekomst verder uit te breiden, waarbij mogelijk ook buitenlandse deelnemers worden betrokken.
Het staatshoofd benadrukte dat het bestaan van verschillende bevolkingsgroepen en culturen op zichzelf nog niet betekent dat er automatisch sprake is van actief samenleven.
Voor een land als Suriname, met een grote diversiteit aan bevolkingsgroepen, culturen en achtergronden, is het volgens haar noodzakelijk om voortdurend te werken aan onderlinge verbondenheid.
Ook de vrijheid om religie en cultuur te beleven, beschouwt Simons als een belangrijke verworvenheid.
“We hebben met elkaar bereikt dat we ons allemaal Surinamers voelen en dat wij de ander respecteren. Maar waar wij vandaag staan, is een bepaald punt. We moeten ervoor zorgen dat we ook samen een toekomst hebben”, aldus de president.
‘Diversiteit is rijkdom, maar ook kwetsbaar’
Simons wees erop dat multi-etnische samenlevingen volgens haar een grote rijkdom vormen. Kinderen in Suriname groeien op met verschillende culturen en tradities, wat volgens het staatshoofd een bijzondere waarde heeft.
Tegelijkertijd waarschuwde zij dat deze diversiteit ook kwetsbaar kan zijn. Zij verwees daarbij naar multi-etnische samenlevingen elders in de wereld waar interne en externe invloeden tot spanningen en verdeeldheid hebben geleid.
Heritage Month kan volgens haar bijdragen aan het versterken van de Surinaamse samenleving door de afkomst en geschiedenis van de verschillende bevolkingsgroepen te herkennen, erkennen, waarderen en respecteren.
“Dat zal ons helpen om ook voor de toekomst ervoor te zorgen dat die eenheid niet alleen steeds groter wordt, maar sterk genoeg is om alle golven te weerstaan die de wereld op ons kan gooien”, aldus Simons.









