De vissterfte in Boven-Saramacca heeft veel vragen opgeroepen. Bewoners willen allemaal weten waardoor de vissen zijn gestorven en of de vis nog veilig is om te eten en of er gevaar is voor de volksgezondheid. Dat zijn begrijpelijke vragen. Beantwoorden ervan is ingewikkelder dan veel mensen denken.
De Nationale Milieu Autoriteit (NMA) heeft daarom de bemonstering uitgebreid en internationale laboratoriumondersteuning ingeschakeld. Dat is nodig, omdat het onderzoek veel verder gaat dan het testen op één stof, zoals kwik of cyanide. Wetenschappers proberen een compleet beeld te krijgen van wat er precies is gebeurd.
Internationaal wordt dit een chemical fingerprint genoemd, oftewel een chemische vingerafdruk. Die naam is bewust gekozen. Net zoals ieder mens een unieke vingerafdruk heeft, laat ook een chemische verontreiniging een uniek patroon achter. Door dat patroon zorgvuldig te analyseren, kunnen wetenschappers vaststellen welke stoffen aanwezig zijn, in welke hoeveelheden en of juist die stoffen, of een combinatie daarvan, verantwoordelijk zijn voor de vissterfte.
Maar daar houdt het onderzoek niet op. Een chemical fingerprint kan ook aanwijzingen geven over waar de vervuiling vandaan komt en wie daarvoor mogelijk verantwoordelijk is. Het gaat dus niet alleen om de vraag waaraan de vissen zijn gestorven, maar ook om de bron van de vervuiling en de mogelijke veroorzaker.
Dat is essentieel wanneer de overheid maatregelen wil nemen of wanneer overtredingen moeten worden aangepakt.
Voor zo’n onderzoek is zeer gespecialiseerde laboratoriumapparatuur nodig. Niet ieder laboratorium beschikt over deze analysetechnieken. Daarom schakelen veel landen gespecialiseerde referentielaboratoria in.
Suriname heeft al jarenlang te maken met kwikgebruik in de kleinschalige goudwinning. Vandaar dat in 2011 de Ordening Goud Sector in het leven is geroepen. De mijnbouw groeit verder en ook de olie- en gassectorontwikkeling gaat in hoog tempo.
De behoefte aan gespecialiseerde milieu- en toxicologische analyses zal daardoor alleen maar toenemen.
Suriname beschikt over laboratoria, maar we beschikken over onvoldoende specialistische analysecapaciteit om dit soort complexe onderzoeken volledig in eigen land uit te voeren.
Misschien is dit daarom het moment om serieus te investeren in een modern en internationaal geaccrediteerd milieulaboratorium. Zo’n laboratorium zou niet alleen kunnen worden ingezet bij incidenten zoals de vissterfte in Boven-Saramacca, maar ook voor de structurele controle van water, bodem, sediment en vis.
De voordelen van zo’n lab zijn groot. Onderzoeksresultaten zijn sneller beschikbaar, omdat monsters niet eerst naar het buitenland hoeven te worden gestuurd. De overheid kan daardoor sneller handelen wanneer de volksgezondheid of het milieu gevaar loopt. Suriname wordt minder afhankelijk van buitenlandse laboratoria en de handhaving wordt sterker doordat overtredingen sneller met wetenschappelijk bewijs kunnen worden aangetoond. Niet alleen de NMA zou daarvan profiteren, maar ook het Viskeuringsinstituut (VKI), de gezondheidszorg, andere toezichthouders, de universiteit en de private sector.
Suriname hoeft niet opnieuw het wiel uit te vinden. Verschillende landen in het Caribisch gebied hebben de afgelopen jaren bewust geïnvesteerd in moderne en internationaal geaccrediteerde laboratoria. Trinidad en Tobago, Jamaica en Barbados beschikken over gespecialiseerde laboratoria voor milieu-, water- en chemische analyses. Daarnaast wordt binnen de regio al jaren gewerkt aan het versterken van laboratoriumcapaciteit en het opleiden van deskundigen.
Dat laat zien dat investeren in hoogwaardige laboratoria geen luxe is, maar een bewuste keuze om beter voorbereid te zijn op milieuproblemen en risico’s voor de volksgezondheid.
Suriname zou zelfs een stap verder kunnen gaan. Door te investeren in moderne apparatuur, internationale accreditatie en de opleiding van eigen wetenschappers kan ons land uitgroeien tot een regionaal expertisecentrum voor milieuonderzoek. Landen in de regio die niet over deze specialistische analysecapaciteit beschikken, zouden dan gebruik kunnen maken van Surinaamse expertise.
Dat levert niet alleen meer kennis op, maar kan ook hoogwaardige banen creëren, nieuwe inkomsten genereren en Suriname internationaal op de kaart zetten als kenniscentrum voor milieu- en toxicologisch onderzoek.
Dat brengt mij bij een ander belangrijk punt. Suriname heeft maar één universiteit. Juist daarom is investeren in onderwijs, wetenschap en onderzoek geen luxe, maar een noodzaak. Zonder goed onderwijs leiden we geen laboranten, onderzoekers, wetenschappers en milieudeskundigen op. En zonder deze mensen kunnen we ook geen moderne laboratoria bouwen, onderhouden en verder ontwikkelen.
Investeren in onderwijs is politiek vaak niet populair. De resultaten zie je namelijk niet binnen één regeerperiode. Het duurt jaren voordat die investering zichtbaar wordt in de vorm van goed opgeleide professionals, sterke instituten en een concurrerende economie. Toch zijn het juist deze investeringen die bepalen hoe sterk een land in de toekomst zal zijn.
Alle regeringen zeggen dat onderwijs een van haar belangrijkste prioriteiten is.
Dat is een mooie ambitie. Maar uiteindelijk spreken niet de woorden, maar de begroting. Zoals het Engelse gezegde luidt: “Put your money where your mouth is.”
Als onderwijs echt prioriteit heeft, dan moet dat ook zichtbaar zijn in de middelen die ervoor worden vrijgemaakt. Internationaal wordt vaak als richtlijn gehanteerd dat ongeveer 15 tot 20 procent van de overheidsuitgaven naar onderwijs gaat.
Blijft een land daar structureel onder, dan mag de vraag worden gesteld of onderwijs werkelijk prioriteit is.
Een land dat miljarden verwacht te verdienen aan zijn natuurlijke rijkdommen, moet ook bereid zijn miljarden te investeren in de kennis en wetenschap die nodig zijn om die rijkdommen verantwoord te beheren.
De vissterfte in Boven-Saramacca is daarom veel meer dan een milieu-incident. Het is een kans om nu keuzes te maken die Suriname de komende decennia sterker, veiliger en minder afhankelijk kunnen maken.
Tra Fas’ De
In Tra Fas’ De deelt auteur Gloria Bottse haar visie op maatschappelijke, politieke en bestuurlijke vraagstukken in Suriname. De rubriek biedt ruimte voor kritische duiding, reflectie en opinie, met als doel verdieping te brengen in onderwerpen die de samenleving raken.










