De Vereniging Surinaams Bedrijfsleven (VSB) maakt zich zorgen over het besluit van De Nationale Assemblee om de overgangsperiode voor de volledige invoering van de Comptabiliteitswet 2024 met twee jaar te verlengen. De wijziging van de wet is onlangs door het parlement goedgekeurd.
Hoewel de VSB begrip zegt te hebben voor de praktische uitdagingen waarmee de overheid wordt geconfronteerd, waarschuwt de organisatie dat verder uitstel risico’s met zich meebrengt voor goed bestuur, transparantie en verantwoord financieel beheer. Volgens de werkgeversorganisatie zijn juist nu sterke instituties en duidelijke controlemechanismen nodig, omdat Suriname aan de vooravond staat van belangrijke inkomsten uit de olie- en gassector.
Uit de toelichting van de regering blijkt dat er nog verschillende knelpunten zijn bij de uitvoering van de wet. Het gaat onder meer om beperkte capaciteit, onvoldoende ICT-infrastructuur, tekortkomingen op het gebied van risicomanagement, regelgeving en samenwerking tussen instellingen. Volgens de VSB zijn deze problemen reëel, maar vormen zij juist een reden om de implementatie niet langer dan strikt noodzakelijk uit te stellen.
Fundament voor beheer van publieke middelen
De VSB benadrukt dat de Comptabiliteitswet, samen met de Aanbestedingswet, een belangrijk fundament vormt voor het verantwoord beheer van publieke middelen. Beide wetten moeten bijdragen aan transparante besluitvorming, sterkere publieke verantwoording en een gelijk speelveld voor alle betrokken partijen.
Volgens de organisatie heeft ook het bedrijfsleven er groot belang bij dat de overheidsfinanciën voorspelbaar, controleerbaar en transparant worden beheerd. Dat is volgens de VSB noodzakelijk om het vertrouwen te versterken en duurzame economische ontwikkeling mogelijk te maken.
De werkgeversorganisatie wijst er verder op dat internationale instellingen, waaronder het Internationaal Monetair Fonds (IMF), herhaaldelijk hebben aangedrongen op versterking van instituties. Dat is volgens de VSB vooral van belang om toekomstige inkomsten uit de olie- en gassector op een verantwoorde manier te beheren.
Roadmap en concrete mijlpalen nodig
De VSB verwelkomt dat er een verplicht plan van aanpak komt en dat elke zes maanden evaluaties zullen plaatsvinden. Deze maatregelen kunnen volgens de organisatie helpen om de voortgang te bewaken en meer transparantie te creëren.
Tegelijkertijd stelt de VSB dat de waarde van deze afspraken afhankelijk zal zijn van de uitvoering in de praktijk. De organisatie roept de regering daarom op de komende twee jaar te benutten als een harde implementatieperiode en niet als een nieuwe periode van uitstel.
Het bedrijfsleven verwacht volgens de VSB een duidelijke roadmap met concrete mijlpalen, tijdslijnen, verantwoordelijke instanties en periodieke voortgangsrapportages. Alleen op die manier kan worden voorkomen dat de invoering van de wet opnieuw vertraging oploopt.
Aanbestedingswet ook belangrijk
De VSB vindt daarnaast dat de verdere invoering en handhaving van de Aanbestedingswet gelijke tred moeten houden met de implementatie van de Comptabiliteitswet. Transparant financieel beheer en transparante aanbestedingsprocedures zijn volgens de organisatie onlosmakelijk met elkaar verbonden.
Suriname bevindt zich volgens de VSB op een belangrijk moment in zijn ontwikkeling. De kansen die voortvloeien uit de olie- en gassector kunnen volgens de organisatie alleen duurzaam worden benut wanneer zij worden ondersteund door sterke instituties, verantwoord financieel beheer en een bestuurscultuur waarin transparantie en verantwoording centraal staan.
De VSB zegt de voortgang van de implementatie van zowel de Comptabiliteitswet als de Aanbestedingswet nauwlettend te zullen blijven volgen. De organisatie geeft aan bereid te zijn vanuit haar expertise een constructieve bijdrage te leveren aan de verdere versterking van governance en institutionele ontwikkeling in Suriname.










