De lidstaten van het Inter-Amerikaans Instituut voor Samenwerking op Landbouwgebied (IICA) hebben hun steun uitgesproken voor het werkplan van de organisatie voor de periode 2026-2030. Het plan moet bijdragen aan economische groei, armoedebestrijding, voedselzekerheid en een duurzamere landbouwsector in Noord-, Midden- en Zuid-Amerika en het Caribisch gebied.
Het zogenoemde Medium-Term Plan werd gepresenteerd tijdens de jaarlijkse vergadering van het Uitvoerend Comité van IICA in San José, Costa Rica. Aan de bijeenkomst nemen ministers van Landbouw, hoge overheidsfunctionarissen, internationale organisaties, diplomaten en waarnemers deel.
Volgens IICA-directeur-generaal Muhammad Ibrahim is het plan in nauw overleg met de lidstaten opgesteld. Daarbij is rekening gehouden met de behoeften en uitdagingen van de verschillende landbouwsectoren in de regio.
Vertegenwoordigers van de lidstaten concludeerden na de presentatie dat het plan aansluit bij belangrijke problemen waarmee producenten worden geconfronteerd. Zij spraken af samen te werken aan concrete en meetbare resultaten.
Vier samenwerkingsprogramma’s
Het werkplan bestaat uit vier technische samenwerkingsprogramma’s. Deze richten zich op wetenschap, technologie en innovatie in de landbouw, internationale handel en agribusiness, voedselveiligheid en biosecurity, en het duurzaam gebruik van natuurlijke hulpbronnen.
De programma’s moeten gezamenlijk bijdragen aan productievere en veerkrachtigere voedselsystemen. Daarbij wordt ook aandacht besteed aan de economische, sociale en ecologische duurzaamheid van de landbouw.
Ibrahim zei dat IICA onder meer wil werken aan maatregelen om vrouwen en jongeren meer mogelijkheden te bieden binnen de landbouwsector. Ook moet worden voorkomen dat mensen vanwege een gebrek aan kansen massaal van plattelandsgebieden naar steden trekken.
“We gaan samenwerken om van de landbouw een motor voor ontwikkeling te maken en een nieuwe generatie landbouwers aan te trekken”, aldus Ibrahim.
Stijgende kosten en tekort aan kunstmest
Tijdens de vergadering werd ook gesproken over tekorten aan kunstmest en stijgende kosten van landbouwproductiemiddelen en energie. Volgens Ibrahim heeft IICA de afgelopen maanden gesprekken tussen landen ondersteund en gezocht naar oplossingen voor deze problemen.
De organisatie wil haar technische ondersteuning aanpassen aan de grote verschillen tussen de landbouwsectoren van de lidstaten. Daarbij wordt gekeken naar de omvang van landbouwbedrijven, gebruikte productiemethoden en de toepassing van wetenschap en technologie.
Verschillende landen spraken hun waardering uit voor de nadruk op innovatie, voedselveiligheid en internationale handel. Brazilië wees daarnaast op de noodzaak om de eigen productie van kunstmest te stimuleren, omdat veel landen in de regio sterk afhankelijk zijn van import.
Vertegenwoordigers van kleinere eilandstaten, waaronder Antigua en Barbuda, benadrukten vooral het belang van voedselzekerheid en weerbaarheid tegen klimaatverandering en andere externe schokken.
Ook landen als Ecuador, Honduras, Argentinië, Mexico en de Verenigde Staten schaarden zich achter het plan. Zij benadrukten onder meer het belang van ondersteuning van kleine landbouwers, transparante toegang tot internationale markten en samenwerking op basis van wetenschappelijk onderzoek.
De Panamese minister van Landbouwontwikkeling, Roberto Linares, werd tijdens de vergadering gekozen tot voorzitter van het Uitvoerend Comité. Volgens hem maken de wereldwijde aandacht voor voedselzekerheid en duurzame ontwikkeling internationale samenwerking binnen de landbouw steeds belangrijker.








